Voor literatuurlijst klik hier.

Eerstelingen

 

Op het eerste Feest van de Eerstelingen (Pinksteren) na de dood en opstanding van Christus ontvingen op spectaculaire wijze de eerste gelovigen van het Nieuwe Verbond Gods geest, waardoor de nieuwtestamentische Gemeente werd gevormd.
Nadat Christus op de wekelijkse sabbat tijdens de dagen van Ongezuurde Broden uit het graf was opgestaan, verscheen Hij gedurende veertig dagen aan de apostelen en leerde hen alles over het Koninkrijk. 

Handelingen 1:1  Mijn eerste boek heb ik gemaakt, Teofilus, over al wat Jezus begonnen is te doen en te leren, 2  tot de dag dat Hij werd opgenomen, nadat Hij aan de apostelen, die Hij had uitgekozen, door de heilige Geest zijn bevelen had gegeven; 3  aan wie Hij Zich ook na zijn lijden met vele kentekenen levend heeft vertoond, veertig dagen lang hun verschijnende en tot hen sprekende over al wat het Koninkrijk Gods betreft. 

Ze hadden de heilige geest toen nog niet ontvangen. 

Vers 4  En terwijl Hij met hen aanzat, gebood Hij hun Jeruzalem niet te verlaten, maar te blijven wachten op de belofte van de Vader, die gij zeide Hij van Mij gehoord hebt. 5  Want Johannes doopte met water, maar gij zult met de heilige Geest gedoopt worden, niet vele dagen na deze. Vers 8  maar gij zult kracht ontvangen, wanneer de Heilige Geest over u komt, en gij zult mijn getuigen zijn te Jeruzalem en in geheel Judea en Samaria en tot het uiterste der aarde. 9  En nadat Hij dit gesproken had, werd Hij opgenomen, terwijl zij het zagen, en een wolk onttrok Hem aan hun ogen. 

Tien dagen bleven zij bijeen in Jeruzalem tot het Pinksterfeest – het Feest van de Eerstelingen – aanbrak.

Handelingen 2:1  En toen de Pinksterdag aanbrak, waren allen tezamen bijeen. 2  En eensklaps kwam er uit de hemel een geluid als van een geweldige windvlaag en vulde het gehele huis, waar zij gezeten waren; 3  en er vertoonden zich aan hen tongen als van vuur, die zich verdeelden, en het zette zich op ieder van hen; 4  en zij werden allen vervuld met de heilige Geest en begonnen met andere tongen te spreken, zoals de Geest het hun gaf uit te spreken. 5  Nu waren er Joden te Jeruzalem woonachtig, vrome mannen uit alle volken onder de hemel; 6  en toen dit geluid gekomen was, liep de menigte te hoop en verbaasde zich, want een ieder hoorde hen in zijn eigen taal spreken. 7  En buiten zichzelf van verwondering zeiden zij: Zie, zijn niet al dezen, die daar spreken, GalileeŽrs? 8  En hoe horen wij hen dan een ieder in onze eigen taal, waarin wij geboren zijn? 9  Parten, Meden, Elamieten, inwoners van MesopotamiŽ, Judea en KapadociŽ, Pontus en Asia, 10  FrygiŽ en PamfyliŽ, Egypte en de streken van LibiŽ bij Cyrene, en hier verblijvende Romeinen, zowel Joden als Jodengenoten, 11  Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze eigen taal van de grote daden Gods spreken. 12  En zij waren allen buiten zichzelf en geheel met de zaak verlegen, en zij zeiden de een tot de ander: Wat wil dit toch zeggen? 

Petrus houdt moedig een onthullende en indrukwekkende toespraak. Hij legt de dood en de opstanding van Jezus uit en verklaart deze aangrijpende bovennatuurlijke wonderen. 

Vers 33  Nu Hij dan door de rechterhand Gods verhoogd is en de belofte des Heiligen Geestes van de Vader ontvangen heeft, heeft Hij dit uitgestort, wat gij en ziet en hoort.

Vele toehoorders werden diep in hun hart getroffen en zij zeiden tot Petrus en de andere apostelen: "Wat moeten wij doen?" 

Vers 38  En Petrus antwoordde hun: Bekeert u en een ieder van u late zich dopen op de naam van Jezus Christus, tot vergeving van uw zonden, en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen. 39  Want voor u is de belofte en voor uw kinderen en voor allen, die verre zijn, zovelen als de Here, onze God, ertoe roepen zal. 40  En met nog meer andere woorden getuigde hij, en hij vermaande hen, zeggende: Laat u behouden uit dit verkeerde geslacht. 41  Zij dan, die zijn woord aanvaardden, lieten zich dopen en op die dag werden ongeveer drieduizend zielen toegevoegd.

Met deze imposante gebeurtenissen is op dit eerste Pinksterfeest na de dood en opstanding van Jezus Christus de oprichting van de nieuwtestamentische Gemeente een feit. Het Pinksterfeest is het Feest van de Eerstelingen (Lev. 23:4, 15-16; Ex. 23:16; 34:22; Num. 28:26). Zij zullen in de eerste opstanding zijn.
Gods plan omvat een aantal geestelijke oogsten. De eerste oogst is de oogst van de Eerstelingen.
Wanneer Christus terug komt zullen de weinigen die genoemd worden in de boeken van het Oude Testament (Hebr. 11) en de nieuwtestamentische Gemeente als eersten geboren worden in het Koninkrijk van God. Zij worden daarom de Eerstelingen genoemd. In elke organisatie zullen er eersten zijn die het bestuur gaan vormen en regels gaan uitvoeren. Zo begint ook Gods Koninkrijk.
God koos de IsraŽlieten als Zijn eerstelingen onder alle volkeren.

Exodus 19:6  En gij zult Mij een koninkrijk van priesters zijn en een heilig volk.

In geestelijk opzicht wordt dit vervuld door de geestelijke Eerstelingen, de nieuwtestamentische gemeente. 

Openbaring 5:10  en Gij hebt hen voor onze God gemaakt tot een koninkrijk en tot priesters, en zij zullen als koningen heersen op de aarde.

Van het oude IsraŽl als eerste volk van God onder alle naties, eiste de Eeuwige eveneens de eerstgeborenen. Hij wilde dat van het oude IsraŽl alle eerstgeborenen werden geheiligd, zowel van mens als van dier en Hij eiste eveneens de eertelingen van de akkers op. Zo roept God nu mensen om Zijn Eerstelingen te zijn en zet hen apart. 

Exodus 13:2  Heilig Mij alle eerstgeborenen, die onder de IsraŽlieten het eerst uit een moederschoot voortkomen, zowel van mens als van dier; zij zijn mijn eigendom.
Numeri 3:12  Zie, Ik zelf neem uit de IsraŽlieten de Levieten in plaats van alle eerstgeborenen der IsraŽlieten, die het eerst uit de moederschoot voortkomen, opdat de Levieten mijn eigendom zijn, 13  want alle eerstgeborenen zijn mijn eigendom. Ten dage, dat Ik alle eerstgeborenen in het land Egypte sloeg, heiligde Ik Mij alle eerstgeborenen in IsraŽl, zowel van mens als van dier; zij zijn mijn eigendom; Ik ben de Here.

De Levieten namen de plaats in van alle eerstgeborenen van de IsraŽlieten. Sedert alle eerstgeborenen van IsraŽl in Egypte waren gespaard gebleven waren deze eigenlijk de Eeuwige tot lijfeigenen geworden zodat zij tot een levenslange dienst bij de tabernakel hadden kunnen opgeroepen worden. God nam voor hen in de plaats de stam Levi om voor altijd in dienst van God te staan.
Eerstelingen werden 'het eerste', 'het beste' of 'de eerste vruchten' genoemd. Veel fysieke instellingen in het Oude Testament dienen tot een beter begrip van de geestelijke dingen die later kwamen.
Het eerste geldt meestal als het beste en vertegenwoordigt het geheel. Het eerste en beste is voor God. Ook van de oogsten zijn de eerste vruchten voor God. 

Exodus 23:19  Het beste der eerstelingen van uw bodem zult gij in het huis van de Here, uw God, brengen.

In Exodus 13:2 hebben we gelezen: "Heilig Mij alle eerstgeborenen" en in Exodus 19:6 (zie boven) wordt IsraŽl een heilig volk genoemd.
Dit woord 'heiligen' wordt ook voor de Eerstelingen gebruikt die de nieuwtestamentische gemeente vormen. 

HebreeŽn 13:12  Daarom heeft ook Jezus, ten einde zijn volk door zijn eigen bloed te heiligen, buiten de poort geleden.
Filippensen 1:1  Paulus en Timoteus, dienstknechten van Christus Jezus, aan al de heiligen in Christus Jezus, die te Filippi zijn, tezamen met hun opzieners en diakenen.
Efeze 2:19  Zo zijt gij dan geen vreemdelingen en bijwoners meer, maar medeburgers der heiligen en huisgenoten Gods.
Openbaring 14:12  Hier blijkt de volharding der heiligen, die de geboden Gods en het geloof in Jezus bewaren.

Abel begreep de betekenis van de eerstelingen al, hij toonde zijn goede relatie met God door Hem het beste te geven. 

Genesis 4:4  ook Abel bracht er een van de eerstelingen zijner schapen, van hun vet; en de Here sloeg acht op Abel en zijn offer.

Zij die vůůr de komst van Christus geroepen worden en Gods geest ontvangen zijn de geestelijke Eerstelingen. Christus is de Eerste onder de Eerstelingen. 

Romeinen 8:29  Want die Hij tevoren gekend heeft, heeft Hij ook tevoren bestemd tot gelijkvormigheid aan het beeld zijns Zoons, opdat Hij de eerstgeborene zou zijn onder vele broederen.
Kolossensen 1:15  Hij is het beeld van de onzichtbare God, de eerstgeborene der ganse schepping.
Kolossensen 1:18  en Hij is het hoofd van het lichaam, de gemeente. Hij is het begin, de eerstgeborene uit de doden, zodat Hij onder alles de eerste geworden is.
Openbaring 1:5  en van Jezus Christus, de getrouwe getuige, de eerstgeborene der doden en de overste van de koningen der aarde. Hem, die ons liefheeft en ons uit onze zonden verlost heeft door zijn bloed.

De gemeente van Christus wordt gevormd door Eerstelingen.

2 Thessalonica 2:13  Maar wij behoren God te allen tijde om u te danken, door de Here geliefde broeders, dat God u als eerstelingen Zich verkoren heeft tot behoudenis, in heiliging door de Geest en geloof in de waarheid.
Jakobus 1:18  Naar zijn raadsbesluit heeft Hij ons voortgebracht door het woord der waarheid, om in zekere zin eerstelingen te zijn onder zijn schepselen.

Openbaring 14:4  Dezen zijn het, die zich niet met vrouwen hebben bevlekt, want zij zijn maagdelijk. Dezen zijn het, die het Lam volgen, waar Hij ook heengaat. Dezen zijn gekocht uit de mensen als eerstelingen voor God en het Lam.

Gedurende het komende Millennium en direct daarna vindt de grote oogst van mensen plaats. Die geestelijke oogst wordt gesymboliseerd door een agrarische najaarsoogst (Loofhuttenfeest en De Laatste Grote Dag) van zachte vruchten die gerijpt zijn in de zachte en warme periode van het jaar. Een periode die we kunnen vergelijken met het milde en vriendelijke, geestelijke klimaat van het Millennium.
De Eerstelingen vormen de voorjaarsoogst. Deze tarweoogst wordt gehard door de vroege zware slagregens, kou, hagel en storm. Dat is het harde geestelijke klimaat van de huidige wereld van verdrukking en beproevingen. Het gure klimaat maakt hen sterk voor hun toekomstige bestuurlijke taken. De Bijbel spreekt ook dikwijls over volharden. Zij moeten Satan overwinnen, terwijl gedurende het 1000-jarige Vrederijk Satan gebonden is. De eerste oogst in het voorjaar bestaat niet uit 'luxe', zoete en gevarieerde, smakelijke vruchten zoals die van de najaarsoogst, maar uit graan voor ons dagelijks brood, de basis voor ons bestaan.
Christus is de Eerste van de eerste geestelijke oogst. Daarna volgen de Eerstelingen die bij hun dood of bij de komst van Christus klaar moeten zijn om geoogst te worden. Vervolgens zal gedurende en direct na het 1000-jarige Vrederijk de rest van de mensheid geoogst worden.
De volgorde en rangorde wordt in de volgende verzen duidelijk gemaakt.

1 Corinthe 15:22  Want evenals in Adam allen sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden. 23  Maar ieder in zijn eigen rangorde: Christus als eersteling, vervolgens die van Christus zijn bij zijn komst [de Eerstelingen regeren dan duizend jaar met Christus]; 24  daarna [na het 1000-jarige Vrederijk] het einde, wanneer Hij het koningschap aan God de Vader overdraagt, wanneer Hij alle heerschappij, alle macht en kracht onttroond zal hebben.

Wanneer Christus komt en de Eerstelingen veranderd zullen worden in geest, wordt Gods belofte aan hen vervuld.

HebreeŽn 12:22  Maar gij zijt genaderd tot de berg Sion, tot de stad van de levende God, het hemelse Jeruzalem, en tot tienduizendtallen van engelen, 23  en tot een feestelijke en plechtige vergadering van eerstgeborenen, die ingeschreven zijn in de hemelen, en tot God, de Rechter over allen, en tot de geesten der rechtvaardigen, die de voleinding bereikt hebben.

De belofte van de eerste opstanding is groter dan de opstanding na het Millennium. Behalve de belofte van het koningschap, is de eerste opstanding een geestelijke opstanding. Voor hen bestaat er geen dood meer.

Openbaring 20:5  De overige doden werden niet weder levend, voordat de duizend jaren voleindigd waren. Dit is de eerste opstanding [bij aanvang van het Millennium]. 6  Zalig en heilig is hij, die deel heeft aan de eerste opstanding: over hen heeft de tweede dood geen macht, maar zij zullen priesters van God en van Christus zijn en zij zullen met Hem als koningen heersen, die duizend jaren.

De Eerstelingen bestaan uit een selecte groep mensen die voor de massa uitgaat, teneinde de mensheid een dienst te bewijzen. Ze zijn geen beter soort mensen en hebben niets te roemen in zichzelf. Alle gaven die goed zijn komen van God. De Eerstelingen zijn gekneed en gevormd door Jezus Christus. Ze hebben het doel van hun roeping leren kennen en willen dat doel niet missen. Christus moet op hen kunnen rekenen zoals Hij op Noach kon rekenen. Uiteindelijk zal daar een beloning op volgen. Eerstelingen zijn mede-erfgenamen met Christus. Zij zullen met Christus regeren als koningen en priesters. 

Romeinen 8:17  Zijn wij nu kinderen, dan zijn wij ook erfgenamen: erfgenamen van God, en mede-erfgenamen van Christus; immers, indien wij delen in zijn lijden, is dat om ook te delen in zijn verheerlijking.
HebreeŽn 11:9  Door het geloof heeft hij vertoefd in het land der belofte, als in een vreemd land, waar hij in tenten woonde met Isašk en Jakob, die mede-erfgenamen waren van dezelfde belofte.
1 Petrus 2:9  Gij echter zijt een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilige natie, een volk [Gode] ten eigendom, om de grote daden te verkondigen van Hem, die u uit de duisternis geroepen heeft tot zijn wonderbaar licht.

Zij die in de eerste opstanding zijn, zo leert ons Openbaring 20:6 (zie boven), zullen Gods Koninkrijk erven en tot koningen en priesters aangesteld worden.
Een fascinerend eerstgeboorterecht.
Laat niemand onverschillig worden ten aanzien van zijn eerstgeboorterecht waardoor het verloren zou gaan.

HebreeŽn  12:16  Laat niemand een hoereerder zijn, of onverschillig als Esau, die voor een spijze zijn eerstgeboorterecht verkocht.

De leden van Gods Gemeente worden nu geoordeeld tijdens hun gelovig leven. Gods geest maakt hun de overwinning mogelijk. Als ze bij de komst van Christus de zonde niet hebben overwonnen en God heeft de heilige geest van hen afgenomen, zullen zij in het 'oordeel' na het Millennium verbrand worden. God geeft Zijn geest eenmaal. Niet een tweede maal. Daarvoor zou Christus immers opnieuw gedood moeten worden opdat Zijn bloed voor de tweede keer ons zou reinigen van alle zonde. Hoe vaak zou Hij dan gekruisigd moeten worden?
Er zijn vanaf het begin mensen de Gemeente binnengedrongen die zich nooit hebben bekeerd en dus niet van ons (van Christus) zijn.

Judas 1:4  Want er zijn zekere mensen binnengeslopen (reeds lang tevoren tot dit oordeel opgeschreven) goddelozen, die de genade van onze God in losbandigheid veranderen en onze enige Heerser en Here, Jezus Christus, verloochenen. Vers 8  Desgelijks bezoedelen ook deze dromenzieners hun vlees, verwerpen wat heerschappij heet en lasteren de heerlijkheden. Vers 18  dat zij tot u hebben gezegd: Aan het einde des tijds zullen er spotters komen, die naar hun eigen goddeloze begeerten zullen wandelen. 19  Zij zijn het, die scheuringen maken, natuurlijke mensen, die de Geest niet hebben.

Maar helaas zijn er ook mensen die wťl tot ons behoorden, maar de rechte weg hebben verlaten en valse leraren zijn geworden.

2 Petrus 2:1  Toch zijn er ook valse profeten onder het volk geweest, zoals ook onder u valse leraars zullen komen, die verderfelijke ketterijen zullen doen binnensluipen, zelfs de Heerser, die hen gekocht heeft, verloochenende en een schielijk verderf over zichzelf brengend.

Zelfs de Heerser, die hen gekocht heeft, verloochenende: zij waren dus al gekocht door Christus. Zijn kostbaar bloed is ook voor hen vergoten en dat is eenmalig. Johannes spreekt zo over de antichrist, die Christus en de Vader negeert, en toch beweert dat dat christelijk is. Dat in sommige tijdperken van de Gemeente van God zelfs de leiders in Gods gemeente de rechte weg gingen verlaten en leerden dat de sabbat en de Wet van God geen voorwaarde is onder het Bestuur van God is hetzelfde als Christus loochenen. Is Christus niet de Heer over de sabbat? Zijn niet de Tien Geboden, de voedselwetten, de jaarlijkse feesten van Christus en Zijn Vader? Als iemand de zaak van Christus loochent, loochent hij ook Christus zelf.

Vers 2  En velen zullen hun losbandigheden navolgen, zodat door hun schuld de weg der waarheid gelasterd zal worden; 3  en zij zullen uit hebzucht met verzonnen redeneringen u als koopwaar behandelen [dŠt hebben de getrouwe leden van Gods Gemeente ervaren!]; maar het oordeel houdt zich reeds lang met hen bezig en hun verderf sluimert niet.

Als het oordeel zich al lang met hen bezig houdt, dan zijn het gedoopte leden die Gods geest ontvangen hebben. De Eerstelingen worden immers nķ geoordeeld.
En hun verderf sluimert niet: hun vernietiging in het 'oordeel' na het Millennium zal uitgevoerd worden als ze zich niet bekeren. En van bekering is in dit schriftgedeelte geen sprake.

Vers 4  Want indien God engelen, die gezondigd hadden, niet gespaard heeft, maar hen, door hen in de afgrond te werpen, aan krochten der duisternis heeft overgegeven om hen tot het oordeel te bewaren…

Op een andere plaats staat dat zij na het Millennium door de Eerstelingen worden geoordeeld. De Eerstelingen zijn dan al 1000 jaar onsterfelijke wezens en dienen dan als koningen en priesters.

Vers 5  en de wereld van de voortijd niet gespaard heeft, maar Noach, de prediker der gerechtigheid, met zeven anderen bewaard heeft, toen Hij de zondvloed over de wereld der goddelozen bracht; 6  en de steden Sodom en Gomorra tot as verbrand, tot omkering gedoemd en ten voorbeeld gesteld heeft voor hen, die goddeloos zouden leven, 7  maar de rechtvaardige Lot, die zwaar te lijden had onder de losbandige wandel dier zedelozen, heeft behouden 8  (want deze rechtvaardige heeft, onder hen wonende, dag aan dag zijn rechtvaardige ziel gekweld door het zien en horen van hun tegen alle wet ingaande werken)…

Als God in staat is om zondige engelen te binden tot De Laatste Grote Dag, Noach en zeven gezinsleden te beschermen tegen de goddeloze wereld en te redden van de zondvloed en Lot heeft laten vluchten voordat de steden Sodom en Gomorra werden verbrand, dan…

Vers 9  dan weet de Here de godvruchtigen uit de verzoeking te verlossen en de onrechtvaardigen te bewaren om hen op de dag des oordeels te straffen…

We zien dus dat deze valse lieden in Gods Gemeente, die velen meegezogen hebben, aan het eind van De Laatste Grote Dag de doodstraf krijgen.

Vers 10  vooral hen, die, begerig naar onreinheid, het vlees volgen en hemelse heerschappij verachten.

Hemelse heerschappij [GNB: gezag van de Heer] verachten: ze hebben de Regering en Geboden van God veracht. Petrus zegt dat ze "het vlees volgen", d.w.z. de menselijke natuur en systemen van de mens volgen. Dat betreft niet alleen een losbandig leven, maar ook minachting van Gods bestuur (zoals Christus' ordinaties) en geboden en bepalingen om daarvoor in de plaats bestuurlijke stelsels en leringen van mensen in de Gemeente in te instellen. Zij "verachten hemelse heerschappij". Eerstelingen zijn de leiders van de Wereld van Morgen. Dat is niet tot iedereen doorgedrongen, want als het tegen zit (dat zijn beproevingen!) verlaten sommige door Christus aangestelde herders de kudde. O, de kudde hoeft zich geen zorgen te maken over de herder, die zou zijn voeding wel krijgen, zijn eigen 'vlees' zou niets te kort komen! Wiens belang dient hij? Waar zijn zijn schapen? Wie voedt hťn? Ze hebben gefaald als diendend leider.

(Vervolg vers 10) Zulke vermetelen, vol van zelfbehagen, schromen niet de heerlijkheden te lasteren, 11  terwijl engelen, hun meerderen in sterkte en macht, bij de Here geen smadelijk oordeel tegen deze inbrengen. 12  Zij daarentegen, als redeloze wezens, van nature voortgebracht om gevangen en verdelgd te worden, lasteren datgene, waarvan zij geen verstand hebben, en zullen in hun verdelging ook verdelgd worden, 13  onrecht ontmoetende tot loon voor hun onrecht. Zij achten het een genot op klaarlichte dag te zwelgen; schandvlekken en smetten zijn zij, die in hun bedriegerijen zwelgen, als zij met u feesten [dat hebben ze gedaan!]; 14  zij hebben ogen, die altijd uitzien naar een overspeelster en nooit ophouden met zondigen; zij verlokken onstandvastige zielen [hoe waar is dat gebleken!], hun hart is volleerd in hebzucht; kinderen der vervloeking zijn zij.

Uit het volgende vers blijkt dat ze voorheen volgens de geboden van God leefden.

Vers 15  Doordat zij de rechte weg verlaten hebben, zijn zij verdwaald en de weg opgegaan van Bileam, de zoon van Beor, die het loon der ongerechtigheid liefhad…

Bileam was een priester van de Babylonische religie, maar hij kende God ook. In onze tijd zijn dat mensen die beweren ware gelovigen te zijn, maar niets willen weten van gehoorzaamheid aan Christus.

Vers 16  maar een terechtwijzing kreeg voor zijn ongerechtigheid: het stomme lastdier, dat met mensenstem sprak, heeft de dwaasheid van de profeet verhinderd.

Zullen ze nu luisteren naar de 'ezel' die zijn stem verheft om te waarschuwen?

Vers 17  Dezen zijn bronnen zonder water, nevelen, door een windvlaag voortgejaagd, voor wie de donkerste duisternis is weggelegd. 18  Want met holle, hoogdravende klanken verlokken zij door vleselijke begeerten en door ongebondenheid hen, die zich ternauwernood aan degenen, die in dwaling verkeren, onttrekken. 19  Vrijheid spiegelen zij hun voor ['bevrijd van het juk van Gods Geboden'], hoewel zij zelf slaven des verderfs zijn; immers, door wie men overmeesterd is, diens slaaf is men.

Vrijheid spiegelen zij hun voor: door alle eeuwen heen werpen steeds weer gedoopte leden 'het juk van de geboden' af zoals zij dat noemen, en prediken de 'vrijheid van Christus'. Maar, zegt Petrus, daarmee worden ze slaven van Satan.

Vers 20  Want indien zij, aan de bezoedelingen der wereld ontvloden door de erkentenis van de Here en Heiland Jezus Christus, toch weer erin verstrikt raken en erdoor overmeesterd worden, dan is hun laatste toestand erger dan de eerste.

Hun laatste toestand erger dan de eerste: hun laatste toestand is de terugkeer naar de wereld, terwijl ze beweren dat ze christenen zijn. Daarom zullen ze aan het eind van De Laatste Grote Dag verbrand worden.
Hun eerste toestand was de tijd dat ze nog geen deel uitmaakten van de Gemeente en nog geen kennis hadden. Zonder kennis en zonder Gods geest zouden ze immers nu nog niet verloren zijn, maar in de tweede opstanding (De Laatste Grote Dag) kennis ontvangen om te leven volgens Gods waarheid.

Vers 21  Het zou immers beter voor hen geweest zijn, geen kennis verkregen te hebben van de weg der gerechtigheid, dan met die kennis zich af te keren van het heilige gebod dat hun overgeleverd is.

In De Laatste Grote Dag zullen alle mensen opstaan die niet in de eerste opstanding waren. Zij die vůůr de terugkomst van Christus geroepen zijn en de kans hebben aangegrepen om gered te worden door Christus, maar later Christus hebben verloochend, zullen vernietigd worden. Alle anderen zullen dan – na het Millennium – hun kans krijgen en ten slotte geoordeeld worden op hun levenswandel. Hoe groot het gezin van God dan zal gaan worden weten we niet, maar Gods plan is rechtvaardig!
De Eerstelingen worden het eerst geoordeeld. Dat gebeurt nu nog elke dag en duurt voort tot de komst van Christus. Zij moeten tot het uiterste strijden, want het oordeel is tijdens hun leven, nķ.

1 Petrus 4:17  Want het is nu de tijd, dat het oordeel begint bij het huis Gods.

De Eerstelingen moeten nu het Werk van Jezus Christus doen en in hun eigen leven elke dag opnieuw overwinnen, opdat zij na de komst van Christus mee kunnen werken aan een wereldomspannend werk: de ideale Wereld van Morgen scheppen onder leiding van Jezus Christus. Zoals het oudste kind (eerstgeborene) in een gezin mee helpt de jongere kinderen wegwijs te maken en een voorbeeld behoort te zijn, zo zullen de Eerstelingen van Gods oogsten in het Gezin van God in de Wereld van Morgen het groeiend aantal nieuwe leden van dat Gezin wegwijs maken. Onderwijzen, aanmoedigen, troosten, opbouwen, leren te geven, leren de Almachtige God de Vader en Zijn Zoon Jezus Christus te aanbidden.
Ontzagwekkende projecten zullen opgezet worden, waarbij de Eerstelingen belangrijke leidende rollen zullen vervullen.
De volle betekenis van de taken voor de Eerstelingen in het komende Utopia kunnen we nu eigenlijk nog niet geheel bevatten. "Wat moet God toch met mij als koning", wordt dikwijls gezegd. Maar wat God door Zijn geest in een getrouw en gehoorzaam mens kan laten groeien is glansrijk. Wanneer in dit leven de Eersteling volledig naar Gods wil is gevormd, zal hij na de verandering in geest daadwerkelijk het eeuwige koningschap ontvangen.

DaniŽl 7:18  daarna zullen de heiligen des Allerhoogsten het koningschap ontvangen, en zij zullen het koningschap bezitten tot in eeuwigheid, ja, tot in eeuwigheid der eeuwigheden.

God heeft lang geleden een tijd voorspeld waarin Hij de bewoners van de aarde van grote overvloed zou laten genieten. Jezus Christus zal in die tijd, als Koning der koningen en Heer der heren, de Eerstelingen, die dan onder Hem dienen als priesters en koningen, instrueren om – met behulp van Gods geest – de ogen van de wereld te openen voor een grote waarheid, namelijk dat Gods weg alles wel beschouwd toch de beste is!

Jesaja 25:6  En de Here der heerscharen zal op deze berg voor alle volken een feestmaal van vette spijzen aanrichten, een feestmaal van belegen wijnen: van mergrijke, vette spijzen, van gezuiverde, belegen wijnen. 7  En Hij zal op deze berg de sluier vernietigen, die alle natiŽn omsluiert, en de bedekking, waarmede alle volken bedekt zijn [hun geestelijke blindheid].

God zal de dwaze race van deze wereld naar een nucleaire cosmocide weldra een halt toeroepen. Hij zal Jezus Christus sturen om in te grijpen in de aangelegenheden van de wereld en om alle opstand de kop in te drukken. Daarna zullen Hij en Zijn heiligen (de Eerstelingen) beginnen de volken onderwijs te geven in Gods waarheid, Zijn wetten en Zijn levenswijze die zegeningen, welvaart, vrede en geluk brengen.
Het utopische paradijs waarnaar de mensheid altijd al verlangd heeft, zal ten laatste ingeluid worden. De mens zal eindelijk wakker worden! Eindelijk zal hij door de sluier van vooroordelen heen zien die hem belet hebben de Weg te volgen die al zijn wensen vervuld zou hebben.
In die ideale wereld van morgen zal niemand meer misleid worden zoals dat met de overgrote meerderheid van de huidige mensheid het geval is! Er zal geen duivel aanwezig zijn om de mens van de rechte weg af te brengen. Iedereen zal de waarheid kennen! Geen godsdienstige verwarring meer. Ieders ogen zullen opengaan voor Gods geopenbaarde waarheid. Men zal openstaan voor onderwijs van de Eerstelingen, die de mensen zullen leren hoe op Gůds wijze te leven – de weg van onbaatzuchtige bezorgdheid voor anderen, de weg van de echte waarden, de weg van vrede, geluk, welzijn en blijdschap!
De Eerstelingen hebben in hun fysieke leven al geleerd dat leiding geven een dienende taak is. Die eigenschap zullen ze toepassen om het utopisch paradijs te realiseren door onder andere misdaad, ziekten, kwalen en lijden te laten verdwijnen! Armoede en onwetendheid zullen ze uitbannen. Het gezicht van de mensen zal door een lach ophelderen en stralen van aanstekelijke vreugde! Wilde dieren zullen mak zijn. Lucht-, water- en bodemvervuiling zal tot het verleden behoren! Men zal kristalhelder water kunnen drinken. Schone, frisse, zuivere lucht kunnen inademen. Waar eens woestijnen waren, zal rijke, vruchtbare grond zijn die heerlijk smakend voedsel oplevert en een fantastische schoonheid aan bloemen, struiken en bomen.
De voldoening en dankbaarheid van de Eerstelingen zal groot zijn, wanneer ze zien dat mede door hun inspanning de wereld in het duizendjarige rijk vol zal zijn van gelukkige mensen die door Christus en de heiligen (Eerstelingen) geleid, geholpen, beschermd en bestuurd worden. Alle mensen zullen horen dat ook zij door God geroepen zijn om een eeuwig leven van het hoogste geluk en de diepste blijdschap te beŽrven.
Wat een fantastische, dankbare taak zal dat zijn voor de Eerstelingen!
Vandaar dat de Eerstelingen met vreugde het Feest van de Eerstelingen jaar op jaar vieren.

 

Terug naar de Home Page

web analytics