Voor literatuurlijst klik hier.

 

EET U ZICH EEN ONGELUK?


Alle problemen van de mens begonnen toen een verkeerde keus werd gemaakt over voedsel. Eva at van de verkeerde vrucht. Toch was ze goed voorgelicht, samen met haar man Adam.
Sindsdien heeft de mensheid dramatische ervaringen met het eten van besmet voedsel of voedsel wat eigenlijk geen voedsel is. Wat goed lijkt in onze ogen, blijkt vaak niet zo gezond te zijn. Onze gezondheid en ons welzijn, zelfs onze toekomst, hangt er van af. Kan het zijn dat wij bepaalde aanwijzingen negeren die in het Instructieboek van de Schepper van voedsel staan? Waarschijnlijk heeft niemand u er ooit op gewezen en bent er daarom niet mee op de hoogte.

 

Wij zijn net volwassen baby's!
Hoewel, wij kunnen ons afvragen Úf er wel iemand van ons inderdaad volwassen is! De meesten van ons schijnen nog altijd te denken dat alles wat wij in onze mond kunnen proppen gegeten kan worden. Zo ongeveer het enige verschil tussen ons en een baby is, dat de baby alles wat goed lijkt in zijn mond stopt, terwijl wij de smaakzin gebruiken om te beslissen wat in onze mond komt.
Uw maag is uw benzinetank. De benzinetank van uw auto is zijn maag. U zult er niet aan denken om maar alles in de 'maag' van uw auto te gieten. U weet dat uw auto niet is gemaakt om olie, water, melk of kerosine te consumeren en te 'verteren'.
Ja, wij zijn zeer voorzichtig met wat wij onze auto 'te eten geven' en totaal onvoorzichtig en onverschillig met wat wij onszelf en onze kinderen te eten geven!
Wat gebeurt er met het voedsel dat u eet? In de maag vindt het spijsverteringsproces plaats. En eenmaal verteerd – als u tenminste gezond en verteerbaar voedsel heeft gegeten – wordt een deel van de essentiŽle mineralen en vitaminen, de levengevende bestanddelen van voedsel, via de darmwand in de bloedbaan gebracht voor de opbouw van cellen en om energie, lichaamswarmte en goede gezondheid te verschaffen.
Uw lichaam is wonderbaarlijk geschapen! Het is het meest wonderbaarlijke mechanisme ter wereld.
Maar precies zoals u de juiste soort benzine in uw tank moet doen en de juiste soorten olie en smeerolie moet gebruiken teneinde de prestaties van uw auto niet aan te tasten, precies zo moet u ook het juiste soort voedsel gebruiken voor het meest delicate mechanisme: uw lichaam.
Als u probeert de geraniums in de vensterbank te voeden met verlopen olie, dan verwacht u toch niet dat er fraaie kleurige bloemen zullen bloeien?
En als u in uw maag allerlei onreine dingen stopt die de Grote Architect, die uw menselijk organisme ontworpen heeft, daar nooit voor bestemde, dan bevordert u het degeneratieproces van het menselijk lichaam.
De God die uw lichaam ontwierp, schiep en vormde, heeft essentiŽle basiskennis geopenbaard over wat voor vlees dat lichaam steeds optimaal zal laten functioneren. Waarom weigert de mensheid Zijn instructies op te volgen?
U eet niet zomaar iedere plant die groeit. Sommige zijn vergif, geen voedsel.
Maar wist u dat er vele soorten vergif bestaan? Kaliumcyanide zal u zeer snel doden. Andere soorten vergif hebben de dood tot gevolg binnen een paar uur; weer andere binnen enkele dagen. Maar zeer weinig mensen weten dat er bepaalde soorten vergif zijn die de mensen ten onrechte als voedsel nuttigen, terwijl ze een vroegtijdige dood tot gevolg hebben na regelmatig gebruik gedurende zo'n tien, dertig of vijftig jaar.
Het enige verschil tussen dit soort vergif dat men ten onrechte voedsel noemt en kaliumcyanide is het respectieve aantal minuten, uren of jaren dat nodig is om zijn werk te voltooien.
Evenals niet iedere plant die God laat groeien voor voeding geschapen is, zo is het ook met vlees. Sommigen zullen zeggen: "Als varkensvlees niet als voedsel bestemd is, waarom heeft God dan varkens geschapen?" U zou net zo goed kunnen vragen waarom God dan onkruid en vergiftige paddestoelen heeft geschapen. Alles zal wel met een doel zijn geschapen, maar niet alles met het doel om te worden gegeten.
Het betekent niet dat iedereen die varkensvlees eet, geen hoge leeftijd kan bereiken. Het betekent wel dat de kwaliteit van het fysieke leven over generaties zal afnemen. De vooruitgang in medische kennis compenseert dit tot op zekere hoogte. De fysiek zwakkeren kunnen daardoor 'langer mee'. Het is niet alleen een verkeerde keus in het soort voedsel die we maken, maar datgene wat we eten wordt eveneens dikwijls verkeerd gevoed en gestimuleerd.

Wat de Grote Architect van uw maag instrueert
Toen de eerste schriftelijke openbaring van God via Mozes aan de mensheid werd gegeven, gaf God de mens instructies welke soorten vlees wel en welke niet gegeten moesten worden. De lijst kunt u vinden in Leviticus 11 en Deuteronomium 14.
Dit is een essentiŽle wet – een openbaring van God aan de mens welke soorten vlees op de juiste wijze verteren en door het menselijk organisme opgenomen worden en welke soorten niet. Dit is niet rechtstreeks een onderdeel van Gods grote geestelijke Wet, samengevat in de Tien Geboden. Noch is het een onderdeel van de ceremoniŽle, rituele of offerwetten die later met de kruisiging van Christus werden ontbonden. Het niet uitvoeren van Gods instructies is echter wťl een overtreding van Gods geestelijke Wet.
Het is noodzakelijk in te zien dat God de Oorsprong is van alle wetten, en er zijn ontelbaar veel wetten in werking. Er zijn wetten van de fysica en de chemie. U kent de wet van de zwaartekracht. Er is de grote onwrikbare geestelijke Wet om de verhouding van de mens tot God en zijn naaste te regelen – de Wet van liefde – de Tien Geboden. God gaf Zijn volk IsraŽl burgerlijke inzettingen en verordeningen – nationale wetten ten behoeve van de overheid. IsraŽl was tevens Zijn gemeente, onder het Oude Verbond. En voor de toenmalige bedeling gaf God aan IsraŽl rituelen en ceremoniŽle wetten voor de religieuze diensten, wetten met betrekking tot symbolische en tijdelijke offeranden, vlees- en drankoffers – als tijdelijke vervanging voor Christus en de heilige Geest. Deze wetten eindigden uiteraard toen de Werkelijkheid kwam.
En vervolgens moeten wij ons realiseren dat fysieke wetten ons lichaam en onze gezondheid regelen.

Het kruis veranderde niet de structuur van dierlijk vlees
Dieren, waarvan het vlees op de juiste wijze verteert en het menselijk lichaam voedt, zijn zo oorspronkelijk geschapen. Nooit is er enige verandering aangebracht in de structuur van het lichaam van de mens, niet ten tijde van de zondvloed, noch ten tijde van Jezus' dood, noch op enig ander tijdstip. Ook bracht God nimmer een of andere plotselinge wijziging aan in structuur van dierlijk vlees zodat wat eens ongeschikt was als voedsel nu op de juiste manier zou verteren en in de behoefte van het lichaam voorzien.
De onreine dieren waren onrein vůůr de vloed.
Treffend is ook dat Noach, vůůr de zondvloed, van de reine dieren die gegeten zouden worden zeven paar in de ark nam; maar van de onreine dieren, waarvan hij gedurende de zondvloed niet zou eten, nam hij ťťn paar – slechts voldoende om ze te laten voortbestaan. De gevolgtrekking ligt voor de hand dat er meer reine dieren aan boord werden genomen om als voedsel te dienen gedurende het verblijf van Noach en zijn familie in de ark.

Geen ceremoniŽle wet
De instructie in Leviticus 11 en Deuteronomium 14 is niet een of andere rituele regeling enkel voor de tijd van Mozes. Waarom hebben zoveel mensen toch het idee dat God een of ander groot onredelijk monster is dat Zijn volk dwaze ongemakken oplegt? Wat God ons ook instrueert, is voor ons welzijn, niet een of andere onzinnige beperking voor een bepaalde periode die weer helemaal wordt veranderd voor de mensen van een andere periode.
Deuteronomium 14:4-8 Dit zijn de dieren die gij eten moogt: rund, schaap en geit; hert, gazel, antiloop, steenbok, das [niet de das die we nu kennen], wilde os en wild schaap; elk dier, dat gespleten hoeven heeft (namelijk de beide hoeven geheel gekloofd) en herkauwt onder de dieren, moogt gij eten. De volgende echter zult gij niet eten van de dieren die herkauwen of geheel gespleten hoeven hebben: de kameel, de haas, en de klipdas, omdat zij wel herkauwen, maar geen gespleten hoeven hebben; onrein zullen zij voor u zijn. Ook het zwijn, omdat het wel gespleten hoeven heeft, maar niet herkauwt; onrein zal het voor u zijn. Van hun vlees zult gij niet eten …
Paardenvlees is niet geschikt voor mensen, omdat paarden geen gespleten hoeven hebben en ook niet herkauwen. Hetzelfde geldt voor varkensvlees: ham, spek, worst, maar ook konijnenvlees etc.; het is eenvoudig niet geschikt voor menselijke consumptie. Zo ook oesters, kreeft, mosselen, krab, garnalen, hondenvlees, slangen, ratten en stinkdieren.
Het enige zeevoedsel dat geschikt is om te eten is vis die zowel vinnen als schubben heeft. Heilbot heeft beide en is rein; zeewolf is gladde vis, dus onrein.
Het is allemaal een kwestie van waaraan wij gewend zijn. Het lijkt vreemd en afschuwelijk dat sommige Oosterlingen muizen eten als lekkernij. Maar vele Oosterlingen zijn met afschuw vervuld als zij horen dat wij smerige, slijmerige, vieze oesters eten! Sommige volwassenen willen net als baby's, alles eten wat zij met hun handen te pakken kunnen krijgen en in hun mond kunnen proppen.
In bepaalde zogenaamde 'delicatessen'-zaken die gespecialiseerd zijn in zeldzame lekkernijen, kunt u 'heerlijke' ingeblikte ratelslang kopen – als u ervan houdt.
Zij die gehoorzaam willen zijn aan de Maker van voedsel wensen het niet te eten om dezelfde reden dat ze geen slakken, stinkdieren, katten of paling eten – om dezelfde reden dat ze geen vergiftige klimop of onkruid eten. Inderdaad, om dezelfde reden ook dat we geen benzine, vermengd met zand, in de tank van onze auto stoppen.
De dag zal komen waarop wij eindelijk zullen leren dat het eten van vet varkensvlees en ander ongeschikt 'voedsel' een van de belangrijkste oorzaken van kanker en andere dodelijke ziekten is geweest.

En Petrus' visioen dan?
Maar hoe zit het dan met het laken met onreine dieren dat de apostel Petrus in een visioen werd getoond (Handelingen 10)? Wijzigde dit visioen de gehele samenstelling van alle onreine dieren, of van het menselijk organisme, zodat het plotseling gezond voedsel werd?
Helemaal niet!
Het doel van dit visioen was niet om Gods voedsel- en gezondheidswetten die vanaf den beginne onverbiddelijk van kracht waren, te veranderen, maar om Petrus te tonen dat ik niemand onheilig of onrein mag noemen (Handelingen 10:28). Waarom? Omdat het Joodse volk was geleerd heidenen als onreine dieren te beschouwen, met wie zij niets te maken hadden.
Het wordt tijd dat u een volledig begrip van dit visioen krijgt. Het kan zeer waarschijnlijk van invloed zijn op uw gezondheid en geluk.
Handelingen 10:1-8 En er was te Caesarea iemand, genaamd Cornelius, een hoofdman van de zogenaamde Italiaanse afdeling, een godvruchtig man, een vereerder van God met zijn gehele huis, die vele aalmoezen aan het volk gaf en geregeld tot God bad. Hij zag in een gezicht, omstreeks het negende uur van de dag, duidelijk een engel Gods bij zich binnenkomen en tot hem zeggen: Cornelius! Hij staarde hem aan en werd zeer bevreesd en zeide: Wat is er, heer! En hij zeide tot hem: Uw gebeden en uw aalmoezen zijn voor God in gedachtenis gekomen. En nu, zend mannen naar Joppe en nodig een zekere Simon uit, die bijgenaamd wordt Petrus: deze is de gast van een Simon, een leerlooier, wiens huis bij de zee ligt. Zodra de engel, die tot hem sprak, weggegaan was, riep hij twee van zijn huisslaven en een godvruchtige soldaat uit degenen, die voortdurend bij hem waren; en nadat hij hun alles uitgelegd had, zond hij hen naar Joppe.
Vergeet niet dat Cornelius een Italiaans soldaat was – een onbesneden Italiaan – een heiden van geboorte. Voor de nauwgezette Joden moest hij worden beschouwd als een onrein mens. Maar God kijkt naar het hart. Cornelius gaf vele aalmoezen aan het Joodse volk (vers 2). God dacht aan zijn aalmoezen en openbaarde in een visioen dat hij enkele van zijn bedienden naar Joppe moest sturen om contact met Petrus op te nemen.
Vers 9-16 De volgende dag, terwijl dezen onderweg waren en de stad naderden, ging Petrus omstreeks het zesde uur op het dak, om zijn gebed te verrichten. En hij werd hongerig en verlangde te eten, en terwijl men iets gereed maakte, geraakte hij in zinsverrukking, en hij zag de hemel geopend en een voorwerp nederdalen in de vorm van een groot laken, dat aan de vier hoeken nedergelaten werd op de aarde; hierin bevonden zich allerlei viervoetige en kruipende dieren der aarde en allerlei vogelen des hemels. En er kwam een stem tot hem: Sta op, Petrus, slacht en eet! Maar Petrus zeide: Geenszins, Here, want ik heb nog nooit iets gegeten, dat onheilig of onrein was. En nogmaals ten tweeden male, kwam een stem tot hem: Wat God rein verklaard heeft, moogt gij niet voor onheilig houden. En dit geschiedde tot driemaal toe, en terstond werd het voorwerp weer opgenomen in de hemel.
Treffend is dat dit laken alle denkbare diersoorten bevatte, met inbegrip van wilde dieren: leeuwen, tijgers, hyena's, apen, stinkdieren. En kruipende dieren: slangen en hagedissen, ongedierte en spinnen. En vogels als gieren en kraaien en arenden!
Petrus was geschokt toen hij al deze schepselen zag. En dan gebood God Petrus ook nog deze schepselen te slachten en ze te eten! Wat zei Petrus? Geenszins, Here, want ik heb nog nooit iets gegeten, dat onheilig of onrein was. (vers 14).
Petrus had gedurende ruim drie jaar dag en nacht met Jezus geleefd.
Hij begreep beslist uit Jezus' onderwijs dat sommige schepselen eenvoudig niet geschikt zijn als voedsel voor de mens. Daarom weigerde Petrus te eten toen dit visioen kwam, tien jaar nadat de rituelen en ceremoniŽn aan het kruis waren genageld. Hij wist dat Gods wet van rein en onrein vlees nog altijd volkomen van kracht was!
Lees nu verder wat de stem uit de hemel zei toen Petrus weigerde te eten: Wat God rein verklaard heeft, moogt gij niet voor onheilig houden (vers 15). Er wordt niet gezegd dat God deze weerzinwekkende reptielen, vogels en wilde dieren reinigde. Wat er wel wordt gezegd is dat wat God rein verklaart niet onheilig genoemd mag worden! Maar wat verklaarde God rein?

Wat God werkelijk rein verklaarde
In het visioen dat Petrus zag, sprak de stem uit de hemel driemaal, toen werd het laken weer in de hemel opgenomen. En wat deed Petrus? Petrus (was) bij zichzelf in onzekerheid, wat het gezicht, dat hij gezien had, betekenen mocht (vers 17). Hij nam niet zomaar onmiddellijk aan, zoals zoveel mensen doen, dat God plotseling tien jaar na de kruisiging Zijn wetten veranderde!
Wat gebeurde er nu? Vers 19-20 En terwijl Petrus nog steeds over het gezicht nadacht, zeide de Geest: Zie, twee mannen zoeken naar u; sta dan op, ga naar beneden en reis, zonder bezwaar te maken, met hen mede, want Ik heb hen gezonden.
Petrus ging met hen mee om Cornelius een bezoek te brengen. Dit is het moment waarop Petrus het visioen begreep! In vers 28 bekende hij: en hij sprak tot hen: Gij weet, hoe het een Jood verboden is zich te voegen bij of te gaan tot een niet-Jood; doch mij heeft God doen zien, dat ik niemand onheilig of onrein mag noemen. Wat God rein verklaarde waren niet die onreine dieren, maar die heidense mannen, die voordien door het Joodse volk als onrein werden beschouwd.
Die onreine dieren uit Petrus' visioen werden gebruikt als symbool van de heidense mensenrassen. Het Joodse volk was het verboden omgang met hen te hebben vanwege hun gruwelijke praktijken. Maar nu was deze geestelijke scheidingsmuur afgebroken en werd het heil uitgebreid tot de heidenen. Petrus realiseerde zich ten slotte dat dit de betekenis van het visioen was en hij zei: vers 34-35 Inderdaad bemerk ik, dat er bij God geen aanneming des persoons is, maar onder elk volk is wie Hem vereert en gerechtigheid werkt, Hem welgevallig.
Inderdaad, om door God geaccepteerd te worden, moeten wij Hem vrezen en gerechtigheid nastreven. Wat is gerechtigheid?  "Al uw geboden zijn gerechtigheid" (Psalmen 119:172). En bij deze geboden behoren de wetten die ons zeggen welke soorten vlees rein zijn en welke onrein!

Zou u stinkdieren en ratten willen eten?
Maar veronderstel eens dat God trachtte Petrus – en ons – te zeggen dat hij al die dingen moest eten die het laken bevatte. Zou u dat kruipend gedierte eten: hagedissen, slangen, spinnen? Zou u stinkdieren en hyena's willen eten? Natuurlijk wilt u dat niet! Waarom niet? Omdat u uw eigen wet hebt van wat u denkt dat rein en onrein is!
Het gezonde verstand zegt ons dat God niet ieder schepsel bestemde als voedsel voor ons. Maar wij willen gewoon niet dat onze Schepper ons zegt welk vlees ons duurzame gezondheid en kracht geeft en welk vlees schadelijk voor ons lichaam is en uiteindelijk nog meer ziekte en kwalen met zich meebrengt. Het wordt tijd dat wij God laten vertellen wat rein is en wat onrein is in plaats van onze falende menselijke rede te gebruiken!
Sommige mensen willen echter nog altijd met God argumenteren. Een tekst waar zij dan mee aan komen is 1 Timotheus 4:1-5. Lees dit eens zorgvuldig.
1 Timotheus 4:1-5 Maar de Geest zegt nadrukkelijk, dat in latere tijden sommigen zullen afvallen van het geloof, doordat zij dwaalgeesten en leringen van boze geesten volgen, door de huichelarij van leugensprekers, die in hun eigen geweten gebrandmerkt zijn, het huwelijk verbieden en het genot van spijzen, welke God toch geschapen heeft om met dankzegging te worden gebruikt door de gelovigen, die tot erkentenis der waarheid gekomen zijn. Want alles wat God geschapen heeft, is goed en niets daarvan is verwerpelijk, als het met dankzegging aanvaard wordt: want het wordt geheiligd door het woord Gods en door gebed.
Let erop dat deze leringen van boze geesten inhouden het verbod van spijzen, welke God toch geschapen heeft om met dankzegging te worden gebruikt … Door wie? Door de gelovigen, die tot erkentenis der waarheid gekomen zijn. Wat is de waarheid? Christus zei: "Uw woord is de waarheid" (Johannes 17:17). De bijbel openbaart derhalve zelf de waarheid betreffende welk vlees gezond is. Wij behoren niet zelf een selectie te maken in het soort voedsel op religieuze gronden die buiten de waarheid staan.
Als Paulus hier schrijft over spijs, dan wordt datgene bedoeld wat volgens een bijbelse wet voedsel is. Let erop dat de valse leer gebiedt af te zien van vlees dat dankbaar wordt ontvangen door hen die geloven en de waarheid kennen – door hen die Gods woord kennen. Gods woord, de Bijbel, zegt ons evenwel dat er wel degelijk vlees bestaat dat 'onrein' is en niet met dankzegging behoort te worden ontvangen!
Zie nu wat de verzen 4 en 5 ons zeggen: Want alles wat God geschapen heeft, is goed en niets daarvan is verwerpelijk, als het met dankzegging aanvaard wordt: want het wordt geheiligd door het woord Gods en door gebed. Wat wil dat zeggen, dat het wordt geheiligd door het woord van God en gebed? 'Heiligen' wil zeggen heilig maken, of apart stellen voor een juist gebruik of doel – apart stellen als zijnde geschikt voor menselijke consumptie.
Welnu, welk vlees heeft God geheiligd voor menselijke consumptie? De enige passages in de gehele bijbel die tonen welk vlees God geheiligd heeft zijn te vinden in Leviticus 11 en Deuteronomium 14. Hier vindt u dat het het 'reine' – gezonde – vlees is dat goed is om te eten. Dit is het enige vlees dat met dankzegging en gebed aanvaard kan worden!
Er is geen enkele tekst waarin wordt aangetoond dat God ooit enig onrein schepsel apart stelde om te eten: slakken, oesters, mosselen, slangen, inktvis, paling, paardenvlees, konijn of varkensvlees! Toch eet men dit allemaal zonder zich te realiseren hoe schadelijk dit voor hun lichaam is.

Paulus onderricht vegetariŽrs
Paulus' brief aan de heiligen te Rome wordt vaak aangehaald als het veronderstelde bewijs dat alle soorten vlees geschikt zijn om te eten. Maar is dit nu wat Paulus werkelijk leerde?
Sla het begin van het 14e hoofdstuk van Romeinen eens op. Let goed op wat de apostel schrijft: Aanvaardt de zwakke in het geloof – ga niet met hem discussiŽren en vel geen oordeel over hem wegens zijn zwakke begrip van het geloof. Paulus vervolgt: De een gelooft, dat hij alles eten mag, maar de zwakke eet plantaardig voedsel [alleen groenten] (Romeinen 14:1-2).
Over wie schrijft Paulus hier? Over de vegetariŽrs alsmede over hen die geloofden in het eten van zowel vlees als groenten.
Paulus werd geconfronteerd met hetzelfde probleem dat wij vandaag de dag tegenkomen bij het verspreiden van het evangelie in de wereld. U zou verbaasd staan van het aantal mensen dat geen vlees eet of zelfs maar enig dierlijk product: melk, boter, kaas, eieren. Sommigen hebben vleesloze dagen, of dagen waarop zij alleen vis eten. Dit zijn allemaal mensen, die, omdat zij zwak zijn in het geloof, zich onthouden van het reine vlees dat God oorspronkelijk in Zijn woord heeft geheiligd of apart gesteld als (fysiek) voedsel voor de mens.
De kwestie waarmee Paulus werd geconfronteerd was niet dat christenen te Rome beweerden dat alle onreine dieren nu door God rein waren verklaard – de algemene onjuiste opvatting van vandaag – maar de kwestie waar het eigenlijk om ging, volgens vers 2, was het vegetarische geloof van sommigen dat er helemaal geen vlees gegeten behoort te worden.
Paulus zette de gemeenteleden op hun plaats door hen te zeggen dat geen enkele reine vleessoort, die God heeft geschapen om met dankzegging te worden aanvaard, behoort te worden geweigerd. Hij wees er evenwel op dat het verkeerd zou zijn voor de vegetariŽrs om vlees te eten als zij er twijfels over hadden, waardoor zij hun zwakke geweten zouden bezoedelen. Want hij schreef: Romeinen 14:22 Houd gij het geloof, dat gij hebt bij uzelf voor het aangezicht Gods. Zalig is hij, die zich geen verwijten maakt bij hetgeen hij goed acht. Maar wie twijfelt, wanneer hij eet, is veroordeeld, omdat hij het niet uit geloof doet. En al wat niet uit geloof is, is zonde.
Wij moeten opvolgen wat God ons in Zijn woord als juist heeft geopenbaard. Dit houdt niet in dat ons geweten ons altijd zegt, wat juist is – beslist niet. Wij moeten voortdurend bestuderen wat juist en verkeerd is. Maar een vegetariŽr die zich oprecht en gewetensvol rein vlees ontzegt, omdat hij de volledige waarheid niet kent, staat bij God in hoger aanzien dan iemand die precies volgens de letter handelt, maar die in zijn hart gelooft dat hij verkeerd handelt.
Dus voor hem – de vegetariŽr die iets onrein acht – voor hem, de vegetariŽr, – is het onrein. Dat wil zeggen, voor hem schijnt het zo. Maar in feite is het niet onrein, niet voor ons, want wij weten dat al het reine vlees gegeten kan worden. Daarom schreef Paulus: "Ik weet en ben overtuigd in de Here Jezus, dat niets uit zichzelf onrein is" (Romeinen 14:14).
Paulus gebruikte hier in de oorspronkelijke tekst het Griekse woord voor 'onheilig', niet het Griekse woord voor 'onrein'. Waarom?

'Onheilig' betekent niet 'onrein'
Velen hebben zomaar aangenomen dat Paulus in het 14e hoofdstuk van Romeinen over onrein vlees schrijft. Dat is niet het geval! Hij schrijft over het meningsverschil tussen de vegetariŽr die rein vlees als onheilig beschouwt en degenen die weten dat rein vlees van zichzelf niet onheilig is.
In het Grieks worden twee verschillende woorden gebruikt die vaak slordig worden vertaald als 'onrein' dan wel 'onheilig'. Let erop dat in Handelingen 10:14 beide woorden worden gebruikt. Handelingen 10:14  Maar Petrus zeide: Geenszins, Here, want ik heb nog nooit iets gegeten, dat onheilig of onrein was. De bijbel vervalt niet in zinloze herhalingen. Derhalve moet de betekenis van deze woorden verschillend zijn.
Het Griekse woord voor 'onrein' is akarthartos. Dit betekent 'verontreinigd door uitwendig verkeerd gebruik'. Het Griekse woord voor 'onheilig' is koinos, wat 'onrein van nature' betekent.
Paulus gebruikte het Griekse woord voor 'onheilig' in Romeinen 14:14. (In de Statenvertaling en de Nieuwe Vertaling ten onrechte als 'onrein' vertaald.) Hij gebruikte dus niet het Griekse woord voor 'onrein'. Met andere woorden, Paulus wist dat het reine vlees dat God heeft geheiligd niet van nature onrein is, maar vegetariŽrs die zwak zijn in het geloof – zwak in het begrijpen van Gods woord – denken dat vlees niet gegeten behoort te worden. Voor een vegetariŽr – alleen voor hem, niet voor anderen – schijnt vlees onrein te zijn. Zijn geweten verontreinigt het vlees voor hem; hij zou van streek raken als hij vlees moest eten. Maar dat verontreinigt het vlees in feite niet voor iemand anders.
Nu de conclusie van Paulus: Romeinen 14:20  Breek niet ter wille van spijs het werk Gods af; alles is wel rein, … dat wil zeggen alles wat God heeft geheiligd en ons tot voedsel heeft gegeven is rein, maar het is verkeerd voor een mens, als hij door zijn eten tot aanstoot is. Het is goed geen vlees te eten of wijn te drinken, noch iets, waaraan uw broeder zich stoot.
Paulus beveelt hier niet aan onrein vlees te eten! Juist het tegenovergestelde. Hij beveelt juist aan helemaal geen vlees te eten in de aanwezigheid van een vegetarische broeder, indien deze daaraan aanstoot neemt!

Wanneer is 'rein' vlees 'onheilig'?
De enige omstandigheid waarin rein vlees ooit onheilig of verontreinigd is, is wanneer reine dieren uit zichzelf zijn doodgegaan of wanneer het bloed er niet op de juiste wijze is uitgelopen. Daarom verboden de apostelen en ouderlingen die te Jeruzalem vergaderden het gebruik van vlees van verstikte dieren of vlees met het bloed er nog in (Handelingen 15:20). Dit is de nieuwtestamentische leer voor vandaag!
Zulk dierlijk vlees werd 'onheilig' genoemd, omdat het in oudtestamentische tijden aan vreemdelingen of buitenlanders kon worden gegeven, als die mensen het wilden eten. Zij waren het onheilige en verontreinigde volk – de heidenen – niet het uitverkoren en heilige volk IsraŽl (Deuteronomium 14:21).
In nieuwtestamentische tijden was vlees dat aan afgoden werd geofferd verboden indien het door wurging was verontreinigd of indien het bloed erin was gebleven. Anders was het, als het niemand aanstoot gaf, toegestaan het vlees te eten.
Paulus wijdde het hele 8e en 10e hoofdstuk van 1 Corinthe aan instructies om geen moeilijkheden te veroorzaken over vlees dat aan afgoden werd geofferd. 1 Corinthe 10:28 (Statenvertaling) Maar zo iemand tot ulieden zegt: Dat is afgodenoffer; eet [het] niet, om desgenen wil, die [u] [dat] te kennen gegeven heeft, en [om] des gewetens wil. Met andere woorden, indien aan afgoden geofferd rein vlees niet was verontreinigd, kon ervan worden gegeten, tenzij het iemand aanstoot gaf. Onder die omstandigheden werd het vlees onheilig, niet voor u, maar voor die andere persoon die de kwestie van de afgoden ter sprake bracht. … om het geweten, niet van uzelven, maar des anderen (vers 29). Daarom zei Paulus in Romeinen: … alleen voor hem die iets onheilig acht, is het onheilig (Romeinen 14:14).

Profetie voor de toekomst
Wat zegt de bijbel over hetgeen de mensen vandaag de dag zouden doen? Zij … die zwijnevlees eten – en dat is wat de meeste mensen doen – gruwelijke beesten en muizen, zullen tezamen verdwijnen – in de toorn van God – luidt het woord des Heren (Jesaja 66:17).
Dit is het lot van hen die graag vlees eten dat God ons verboden heeft, omdat dat vlees schadelijk voor ons is. Dit is het lot van hen, wier God hun buik is (Filippensen 3:19).
Is het dan een wonder dat wij vandaag, met al onze wetenschappelijke kennis, meer ziekte en meer doktersrekeningen hebben dan ooit tevoren?
Het wordt tijd naar God terug te keren en Zijn wetten te gehoorzamen. Hij is onze Schepper. Hij heeft ons gemaakt. Hij weet wat ons lichaam kan gebruiken als goed, gezond voedsel. Hij stelde de wetten in werking die bepalen wat rein en onrein vlees is. Het wordt tijd dat wij deze gaan gehoorzamen net zoals Jezus en de apostelen deze gehoorzaamden!
God verbiedt ook het eten van dierlijk vet of bloed (Leviticus 3:17; 7:23-27). Dierlijk vet behoort van het vlees te worden afgesneden alvorens dit wordt gegeten.
Reuzel moet nooit worden gegeten. Deze dingen zullen iedere maag na verloop van tijd ruÔneren.

Hoe staat het met vis en gevogelte?
De bijbel zelf definieert welk leven uit de zee goed voedsel is: Leviticus 11:9 Dit moogt gij eten van al wat in het water leeft: al wat vinnen en schubben heeft, in het water, in de zeeŽn en in de stromen, dat moogt gij eten. In vers 10 wordt verder verklaard: Maar al wat geen vinnen of schubben heeft, in de zeeŽn en de stromen, onder al wat in het water wemelt en onder alle levende wezens die in het water zijn, dat zal u een gruwel wezen.
Maar welke vis heeft zowel vinnen als schubben? Een lijst van vis, die wel of niet geschikt is voor menselijke consumptie en waarmee wij doorgaans te maken kunnen krijgen, staat in onderstaande kaders.
Mochten er nog vragen komen dan kunt u altijd naslagwerken raadplegen die iedere grotere bibliotheek hierover zal hebben.
Sommige mensen, die niet bekwaam zijn in het beoordelen van vis, denken dat enkele van deze reine vissen geen schubben hebben, maar dat is niet zo. Iets dat men moet weten is, dat veel vissen kleine tot zeer kleine schubben hebben bij de kop en de staartvin. In dat geval zijn de vissen rein en geschikt als voedsel.

REINE ZEE- EN ZOETWATER VISSEN

Albikoor (makreel)
Ansjovis
Baars
Barramundi
Blankvoorn
Bokking
Bot
Botervis
Brado
Brasem (zeebrasem)
Elft
Forel (zeeforel)
Grondelvoorn
Griet
Harder
Haring
Heilbot
Heilbot
Kabeljauw
Karper
Kipper
Koolvis
Kopvoorn
Leng
Mahi mahi
Makreel
Mul
Pelser (sardine)
Pollak
Sardine
Schar
Schelvis
Schol
Schot
Serpeling of gruis
Snapper
Snoek
Spiering
Sprot
Stekelbaars
      gewone driedoornige
      (Gasterosteus aculeatus)
Tilapia
Tong
Tonijn
Wijting
Witvis
Zalm
Zeebarbeel
Zeelt

 

ONREINE VISSEN EN SCHELPDIEREN

Aal
Garnaal
Haai
Inktvis
Kongeraal
Krab
Meerval (o.a. Panga)
Mossel
Oester
Paling (zeepaling)
Poliep (inktvis)
Potvis
Rog
Stekelbaars
      kleine tiendoornige
      (Pygosteus pungitis)
Stelrog
Steur
Strandjager (Mossel)
Tarbot
Vleet (spijkerrog)
Walvis
Wulk (schelpdier)
Zeeduivel
Zeekreeft
Zeeoor
Zeewolf
Zwaardvis


Het tweede gedeelte van de vraag betreft gevogelte. Welke vogels kan men eten? Het antwoord staat in Leviticus 11:13-19 en Deuteronomium 14:11-20.
Beide schriftgedeelten geven een opsomming van vogelsoorten die ongeschikt zijn voor menselijke consumptie. Er worden geen reine vogels genoemd. Er worden alleen ongeveer 25 onreine vogels vermeld van alle duizenden soorten die zich over de gehele wereld bevinden. Deze onreine vogels illustreren de kenmerken van alle andere onreine vogels. Zij zijn onder te verdelen in typen, waarvan elk naar zijn aard onrein is.
Hier volgt een lijstje van Leviticus 11, aangevuld met Deuteronomium 14. Leviticus 11:13-19  Deze zult gij verafschuwen onder de vogels, (zij mogen niet gegeten worden, een gruwel zijn zij): de arend, de lammergier en de zeearend, de wouw en alle soorten gieren, (Deut.: en alle soorten kraaien) alle soorten raven, de struisvogel, de katuil en de meeuw en alle soorten sperwers, de steenuil, de aalscholver en de oehoe, de witte uil, de pelikaan, de aasgier en de ooievaar, alle soorten reigers, de hop en de vleermuis.
De vraag is, waarin verschillen deze onreine vogels van die waarvan bekend is dat ze rein of geschikt om te eten zijn? De kenmerken van rein gevogelte worden uiteraard bepaald door die van de duif (Lukas 2:24; Leviticus 1:14-17) die vroeger als offerdier werd gebruikt.
Door de verschillen te vergelijken tussen deze reine vogels en die die als onrein genoemd worden, komen wij op de volgende zes kenmerken van reine vogels: 1) Het zijn geen roofvogels; 2) voedsel dat hen in de lucht wordt toegeworpen brengen zij eerst naar de grond, waar zij het zo mogelijk met hun snavel bewerken; de onreine vogels verorberen het voedsel in de lucht of op de grond waarbij ze met een poot op het voedsel het met de snavel uit elkaar trekken; 3) reine vogels hebben een lange teen in het midden aan de voorkant van hun poten en een aan de achterkant; 4) zij hebben gespreide tenen, dus drie tenen voor en ťťn teen achter; 5) zij hebben een krop; 6) zij hebben een spiermaag die twee wanden heeft die makkelijk kunnen worden gescheiden.
Reine vogels hebben al deze kenmerken; onreine vogels missen er een of meer. Indien een vogel een van deze kenmerken mist, is hij onrein.
Behalve de duif zijn de volgende vogels rein: kip, fazant, kwartel, patrijs, hoender, kalkoen, alle zangvogels, eend en gans.
Onreine vogels die niet specifiek in de bijbel worden genoemd zijn spechten, alle papagaaien (hun tenen zijn zo verdeeld dat er twee aan iedere kant van een poot zitten), watervogels en waadvogels en meeuwen die geen krop hebben en geen dubbelwandige spiermaag en vaak geen achterteen of lange middel voorteen.

Wat is het geestelijke aspect?
Als iemand opzettelijk onrein voedsel eet uit begeerte, dan overtreedt hij het tiende gebod en dan wordt het zonde. Bovendien schaadt verkeerd voedsel het lichaam, dat een tempel is van de heilige Geest. Het verontreinigt het lichaam zo niet de mens en als wij voortgaan ons lichaam te verontreinigen, zal God ons vernietigen (1 Corinthe 3:17).
Gewoonlijk spreken wij van zonde met betrekking tot het geestelijke aspect ervan. Dat is het aspect waar het in het Nieuwe Testament om gaat. De bijbelse definitie hiervan is: 1 Johannes 3:4 … de zonde is wetteloosheid. Of, zoals in de Leidse vertaling staat, de zonde is de wetsovertreding. De straf op het schenden van die geestelijke Wet is de dood – niet de eerste of fysieke dood, maar de tweede, of geestelijke en eeuwige dood in de poel des vuurs (Openbaring 20:14).
Dit is het punt dat Jezus duidelijk maakte in Markus 7.
Markus 7:1  En de FarizeeŽn verzamelden zich bij Hem met sommige van de schriftgeleerden, die van Jeruzalem gekomen waren.
2  En toen zij zagen, dat sommige van zijn discipelen met onreine, dat is ongewassen, handen hun brood aten
3  (want de FarizeeŽn en al de Joden eten niet zonder eerst een handwassing verricht te hebben, daarmede vasthoudende aan de overlevering der ouden,
4  en van de markt komende eten zij niet dan na zich gereinigd te hebben; en vele andere dingen zijn er, waaraan zij zich volgens overlevering houden, bijvoorbeeld het onderdompelen van bekers en kannen en koperwerk),
5  toen vroegen de FarizeeŽn en de schriftgeleerden Hem: Waarom wandelen uw discipelen niet naar de overlevering der ouden, maar eten zij met onreine handen hun brood?
6  Maar Hij zeide tot hen: Terecht heeft Jesaja van u, huichelaars, geprofeteerd, zoals er geschreven staat: Dit volk eert Mij met de lippen, maar hun hart is verre van Mij.
7  Tevergeefs eren zij Mij, omdat zij leringen leren, die geboden van mensen zijn.
8  Gij verwaarloost het gebod Gods en houdt u aan de overlevering der mensen.
9  En Hij zeide tot hen: Het gebod Gods stelt gij wel fraai buiten werking om uw overlevering in stand te houden.
10  Want Mozes heeft gezegd: Eer uw vader en uw moeder, en: Wie vader of moeder vervloekt, zal de dood sterven.
11  Maar gij zegt: Indien een mens tot zijn vader of moeder zegt: Het is korban, dat is, offergave, al wat gij van mij hadt kunnen trekken,
12  dan laat gij hem niet toe ook nog maar iets voor zijn vader of moeder te doen.
13  En zo maakt gij het woord Gods krachteloos door uw overlevering, die gij overgeleverd hebt. En dergelijke dingen doet gij vele.
14  En toen Hij de schare wederom tot Zich geroepen had, zeide Hij tot hen: Hoort allen naar Mij en verstaat wel:
15  Niets, dat van buiten de mens in hem komt, kan hem onrein maken, maar hetgeen uit de mens naar buiten komt, dat is het, wat hem onrein maakt.
16  Indien iemand oren heeft om te horen, die hore.
17  En toen Hij van de schare thuis kwam, vroegen zijn discipelen Hem naar de gelijkenis.
18  En Hij zeide tot hen: Zijt ook gij zo onbevattelijk? Begrijpt gij niet, dat al wat van buiten in de mens komt, hem niet onrein kan maken,
19  omdat het niet in zijn hart komt, maar in de buik, en er te zijner plaatse uitgaat? En zo verklaarde Hij alle spijzen rein.
20  En Hij zeide: Hetgeen uit de mens naar buiten komt, dat maakt de mens onrein.
21  Want van binnenuit, uit het hart der mensen, komen de kwade overleggingen, hoererij, (7-22a) diefstal, moord,
22  (7-22b) echtbreuk, hebzucht, boosheid, list, onmatigheid, een boos oog, godslastering, overmoed, onverstand.
23  Al die slechte dingen komen van binnen uit naar buiten en maken de mens onrein.

Jezus sprak hier over geestelijke verontreiniging, niet over fysieke gezondheid. Niet hetgeen de mens door de mond binnenkomt, maar het kwaad dat uit zijn hart komt verontreinigt de mens geestelijk. Wat de mens geestelijk verontreinigt is de overtreding van de Tien Geboden: – Christus spreekt hier over het verontreinigen van de mens, niet over het kwetsen van het lichaam – kwade gedachten, overspel, ontucht, moord, diefstal, begeerte, godslastering (vers 21-22). De fysieke gezondheidswetten hebben hier niets mee te maken. Christus wees hier op geestelijke verontreiniging, niet op fysieke gezondheid.
Bovendien verwees Hij, op het fysieke vlak, naar eventueel vuil dat in het eten kan komen door vieze en ongewassen handen – Hij sprak hier helemaal niet over rein of onrein vlees. De context geeft aan wat Jezus eigenlijk bedoelde met het rein verklaren van alle spijzen (vers 19). Als iemand alle spijzen beperkt tot vlees, wordt de Griekse tekst onrecht aangedaan.
Voor 'spijzen' staat in het Grieks broma, hetgeen betekent 'dat wat gegeten wordt' ofwel 'voedsel' (volgens bijbelse normen) en dat sluit alle soorten voedsel in. Dus ook groente en fruit. Het gaat hier niet over rein of onrein vlees.
De hele context van Markus 7 toont aan dat het hier gaat over rituele reinheid – het gaat over geen enkele wet van het Oude Testament, in tegendeel, het gaat over de rituele reinheid die sommige Joodse sekten verkondigden op eigen gezag.
De context (vers 1-14, 20-23) gaat niet over biologische onreinheid, maar over onreinheid die iemand zich op de hals zou halen door het nalaten van een rituele wassing (vers 2). Het gaat hier niet over het eten van rein of onrein vlees, want ze aten brood (vers 2 en 5), maar over de manier waarop zij aten (vers 2, 5, 15). De hele context toont aan dat Christus het had over het probleem van 'het gebod Gods' versus de 'traditie der mensen'. Als Christus hier onreine dieren rein verklaard zou hebben, waarom zou Petrus zich dan in Handelingen 10:1-28 jaren later zich hiertegen nog verzetten?
Er is geen gebod in het Oude Testament dat het eten met ongewassen handen verbiedt. Hier gaat het echter over de farizeese traditie, niet over iets van Gods woord.

IS HET ETEN VAN ONREINE DIEREN ZONDE?
Zoals een paar pagina's terug is opgemerkt, zij die gehoorzaam willen zijn aan de Maker van voedsel wensen het niet te eten om dezelfde reden dat ze geen slakken, stinkdieren, katten of paling eten – om dezelfde reden dat ze geen vergiftige klimop of onkruid eten. Inderdaad, om dezelfde reden ook dat we geen benzine, vermengd met zand, in de tank van onze auto stoppen.
Dat is een praktische reden. Maar gehoorzaam willen zijn aan de Maker van voedsel en de mens is nog veel praktischer.
Wij weten wat zonde is. Dat is een overtreding van de geestelijke Wet. Is dan een overtreding van andere wetten van God geen zonde? Vlees eten is fysiek. Er bestaat toch geen fysieke zonde?
Als het consumeren van onreine dieren een fysieke aangelegenheid is, kan er toch geen sprake zijn van zonde?
Is dit juist? Is het een fysieke aangelegenheid?
Daarop moeten we een antwoord geven.
Zonde is overtreding van de geestelijke Wet. Welke wet is geestelijk?
Als in zijn algemeenheid de Wet wordt genoemd, dan hebben we het over de Tien Geboden.
Exodus 24:12  De Here zeide tot Mozes: Klim op tot Mij, de berg op, en blijf daar, dan zal Ik u de stenen tafelen geven, de wet en het gebod, die Ik opgeschreven heb, om hen te onderwijzen.
God noemt hier de stenen tafelen de Wet.
We zouden kunnen zeggen de grondwet, waaraan alles wordt opgehangen of waarop de hele samenleving moet worden gebouwd. De Tien Geboden staan niet op zichzelf. Dat moet u goed onthouden in het kader van dit onderwerp.
In het Nieuwe Testament maakt o.a. Jakobus duidelijk wat hij bedoelt met de Wet. Jakobus 2:10   Want wie de gehele wet houdt, maar op een punt struikelt, is schuldig geworden aan alle [geboden]. Over welke geboden van welke wet heeft hij het? Vers 11 Want Hij, die gezegd heeft: Gij zult niet echtbreken, heeft ook gezegd: Gij zult niet doodslaan. Indien gij nu geen echtbreuk pleegt, maar wel doodslag, zijt gij toch een overtreder van de wet geworden.
Hier worden twee van de Tien Geboden genoemd. Hieruit kunnen we concluderen dat Jakobus de Tien Geboden de Wet noemt.
Paulus zegt over deze Wet: Romeinen 7:14 Wij weten immers, dat de wet geestelijk is.
We weten nu dus zeker dat de Tien Geboden de geestelijke Wet vormen.
O.k., maar de wet aangaande het vee, het gevogelte, enz. maakt toch geen deel uit van de Tien Geboden?
O nee? De Tien Geboden vormen de grondwet als basis voor alles wat God heeft ingesteld. U zult zien dat we de Tien Geboden tegenkomen als we onreine dieren gaan eten.
God gehoorzaam zijn in zijn algemeenheid is een geestelijke zaak en is de basis van de geestelijke Wet. Het eerste en belangrijkste gebod van de Tien Geboden leert ons dat God de enige ware God is. Hem moeten we daarom liefhebben en gehoorzamen. Het vijfde gebod zegt: eer uw vader en uw moeder. Wij hebben een vader in de hemel. Een eerste voorwaarde om onze Vader te eren, is Hem te gehoorzamen. Respect tonen voor wat Hij heeft ingesteld.
Daarom is een overtreding van ook de specifieke wetten een overtreding van de geestelijke Wet, want ongehoorzaamheid aan God is op z'n minst een overtreding van het eerste en vijfde gebod.
Jakobus 2:10  Want wie de gehele wet houdt, maar op een punt struikelt, is schuldig geworden aan alle [geboden].
God ongehoorzaam zijn is een geestelijke zaak en staat direct in relatie met zonde. Een eerste voorwaarde voor naleving van het eerste en vijfde gebod, is God gehoorzamen. Als wij bijvoorbeeld zelf de heilige tijd bepalen is dat zonde. Of zelf een vervanging instellen, bijvoorbeeld de zondag voor de zevende dag, is dat, behalve een overtreding van het eerste en vijfde gebod, eveneens een overtreding van het vierde, maar ook het tweede gebod, dat gaat over afgoderij. Wat je ook zelf bepalen wilt, wat je ook wilt bedenken, je komt altijd de Tien Geboden tegen.
U weet dat in het Nieuwe Testament staat:
Gij zult de Here, uw God, liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw verstand. En we moeten onze naaste liefhebben als onszelf. Aan deze twee geboden hangt de ganse Wet en de profeten.
God liefhebben met geheel uw hart en hem tegelijkertijd ongehoorzaam zijn staat haaks op elkaar.
Onreine beesten eten lijkt fysiek. Maar zodra je daarin God ongehoorzaam bent, maak je er een geestelijke kwestie van.
Ook al zou God in Deuteronomium 14 zeggen: "Zou u a.u.b. zo vriendelijk willen zijn geen biggetjes te eten", maar u slaat dat in de wind en eet toch een karbonade, dan eert u uw Schepper niet en hebt u uw God niet lief met geheel uw hart. En toch hangt daaraan de geestelijke Wet, heeft Jezus gezegd. U ziet, het is een kwestie van houding, karakter, keuzen maken.
God, als allerhoogste autoriteit zegt natuurlijk niet tegen de mens: "Zou u zo vriendelijk willen zijn". Laten we eens lezen hoe Hij ons deze wet duidelijk maakt.
Deuteronomium 14:3  Gij zult niets eten, dat een gruwel is.
Geen enkele vrijblijvendheid, maar een glasheldere opdracht. Zoals wij onze kleine kinderen opdragen: "Je mag niet dicht aan de waterkant spelen; je mag niet alleen die drukke verkeersweg oversteken; je mag je niet door een vreemde in de auto laten meenemen!" Duidelijke instructies.
4  Dit zijn de dieren die gij eten moogt: rund, schaap en geit.
Duidelijk wat wel en niet mag.
6  elk dier, dat gespleten hoeven heeft (namelijk de beide hoeven geheel gekloofd) en herkauwt onder de dieren, moogt gij eten. 7  De volgende echter zult gij niet eten......
Zult gij niet eten: duidelijke taal.
Dan vers 8: Ook het zwijn, omdat het wel gespleten hoeven heeft, maar niet herkauwt; onrein zal het voor u zijn. Van hun vlees zult gij niet eten.
"Zult gij niet eten", staat er. Wie deze woorden van zijn eigen Schepper aan zijn laars lapt is een zondaar, omdat gehoorzamen een geestelijk principe is.
Terug naar de vraag: Is het eten van onreine dieren zonde?
Omdat wij moeten beslissen God hierin te gehoorzamen, is het geen fysieke aangelegenheid. En aan God ongehoorzaam zijn is zonde.
God heeft bepaald wat de mens wel en niet moet eten.
Als wij negeren wat God ons zegt te doen of te laten, wordt het een geestelijke kwestie. Dan worden we geconfronteerd met het eerste gebod van de geestelijke Wet. Mogelijk ook met het tweede gebod, dat gaat over afgoderij; en met het vijfde gebod, dat zegt dat wij onze ouders moeten eren, dus ook onze Vader in de hemel; en met het achtste gebod dat zegt dat wij niet stelen mogen. Want als wij zelf bepalen wat wij zullen eten, stelen we gezag van God. Wij stelen gezag wat ons niet toekomt.
Als wij willens en wetens onreine dieren eten, overtreden wij zelfs verschillende geboden van de geestelijke Wet. En dat noemt de Bijbel zonde.
Misschien brengen we schade toe aan onze fysieke gezondheid, in ieder geval aan onze geestelijke gezondheid.
Het is maar al te waar wat Jakobus schreef. Als we ťťn gebod overtreden, overtreden we de gehele Wet.
Als wij geloven dat we de geestelijke Wet moeten houden, geloven we ook dat we God in alles moeten gehoorzamen, omdat wij de Here, onze God, liefhebben met geheel ons hart en met geheel onze ziel en met geheel ons verstand.
Het gaat om onze geestelijke gezondheid.

Nog een laatste punt
We kunnen leren van deze wet op de dieren die we wel en niet mogen eten. Sla maar eens op Leviticus 11:47. Waarom deze wet?
Om scheiding te maken tussen het onreine en het reine, tussen de dieren die gegeten mogen worden, en de dieren die niet gegeten mogen worden.
Deze wet is bedoeld om scheiding te maken in ons leven tussen het reine en onreine, als een schaduw of tegenhanger van het geestelijke voedsel – geestelijk onderwijs. Hebt u er in de afgelopen jaren goed op toegezien dat u rein geestelijk voedsel nuttigde. Uw kinderen het juiste geestelijke onderwijs gegeven? Onderscheid gemaakt tussen onrein geestelijk voedsel en rein geestelijk voedsel? Leren onderscheiden wat we als geestelijk rein kunnen consumeren.

<><><>

 

Terug naar de Home Page

website statistics