Voor literatuurlijst klik hier.

 

Pascha en het
Feest der Ongezuurde Broden

De dood van Christus was de allereerste gebeurtenis in Gods grote plan voor de regeneratie van de mens. Wij zien de werking van dit grote offer reeds uitgebeeld in de hof van Eden, toen God een lam of een geit doodde om de naaktheid (een type van zonde) van Adam en Eva met huiden te bedekken. Wij treffen deze werking ook aan toen Abel een lam offerde. Zo is het Pascha de eerste van deze gebeurtenissen die jaar op jaar voor Gods kinderen Zijn grote plan uitbeelden.

 

De meeste kerken leren dat Christus het Plan van Verlossing voltooide toen Hij werd gekruisigd. Maar dit is onjuist, Zijn dood was het begin!
Egypte is een zinnebeeld van zonde. Evenals Gods volk zich vandaag in 'Babylon' bevindt en spoedig, nadat God Zijn plagen over Babylon zal hebben uitgegoten, bevrijd zal worden, zo bevond IsraŽl zich eens in Egypte en werd bevrijd nadat God over dat land plagen had uitgegoten.
Evenals de belijdende christenen misleid zijn en geen kennis hebben van de werkelijke tijd, van Gods dagen en van de ware godsdienst, zo was het met het volk IsraŽl in Egypte.
Meer dan twee eeuwen lang hadden de IsraŽlieten daar in slavernij doorgebracht en onder wrede opzichters dwangarbeid verricht. Er bestond geen Bijbel, geen geschreven Woord van God. Zij mochten God niet dienen zoals Hij had geboden. Zij waren gedwongen zeven dagen per week te werken. Zij hadden zelfs de ware sabbat uit het oog verloren, zodat God hun de sabbat in de woestijn Sin openbaarde (Exodus 16).

Pascha slechts het begin

Gedurende hun verblijf in Egypte was ook het juiste begin van het jaar veranderd.
Toen God Zijn volk uit Egypte (zonde) bevrijdde, gaf Hij hun daarom duidelijkheid wat de tijd betreft. Evenals het begin van ons behoud door Christus' kruisdood werd teweeggebracht, zo zei God: Exodus 12:2  Deze maand [in het voorjaar] zal u het begin der maanden zijn; zij zal u de eerste der maanden van het jaar zijn.
Sommige mensen houden het begin van Gods feesten van behoud door het Pascha in acht te nemen, maar zij gaan nooit verder naar de kennis van de 'diepte van rijkdom' van Gods genade, die door de daaropvolgende feesten wordt uitgebeeld. Christus heeft niet alleen een begin gemaakt om ons behoud mogelijk te maken, maar leidt ons ook verder in het voltooien hiervan! Op de tiende dag van de eerste maand werd de IsraŽlieten geboden een gaaf lam uit te kiezen. Zij hielden dat apart tot de 14e dag van diezelfde eerste maand – niet langer. In de avondschemering werd dit Paschalam geslacht.

Het Pascha luidt de Uittocht in

Zij vergoten het bloed van het lam, dat het toekomstige offer van Christus symboliseerde. Zij aten het vlees ervan in diezelfde nacht. Te middernacht kwam de engel des doods, die evenwel ieder huis waar het bloed aan de deurposten gestreken was, passeerde en oversloeg.
In Exodus 12 wordt het Pascha beschreven. Hoe het gebraden en gegeten moest worden. Christus heeft in Zijn laatste Pascha met de discipelen de symbolen veranderd in ongezuurd brood en wijn. In deze nacht, in Exodus 12, doortrok God het land Egypte om te middernacht alle eerstgeborenen in het land te slaan. Farao stond des nachts op. Hij liet Mozes en Ašron bij zich brengen. De Egyptenaren drongen er bij de IsraŽlieten op aan te vertrekken. De IsraŽlieten vroegen van de Egyptenaren zilver, goud en kleren en "beroofden de Egyptenaren" staat er letterlijk.
Het bloed van het lam (aan de deurposten) is voor God het kenmerk om Zijn volk van de dood te sparen, waarna de uittocht uit Egypte (de zondige wereld) begint.
Deuteronomium 16:1  Neem de maand Abib in acht en vier het Pascha ter ere van de Here, uw God, want in de maand Abib heeft de Here, uw God, u in de nacht uit Egypte geleid.

Het Pascha is een altoosdurende inzetting en moet dus ook in onze tijd gehouden worden.
Exodus 12:21  Toen ontbood Mozes al de oudsten van IsraŽl en zeide tot hen: Trekt heen, haalt kleinvee voor uw geslachten en slacht het Pascha. 22  Daarna zult gij een bundel hysop nemen en in het bloed in een schaal dopen, en van het bloed in die schaal strijken aan de bovendorpel en aan de beide deurposten; niemand van u zal de deur van zijn huis uitgaan tot de morgen. 23  En de Here zal Egypte doortrekken om het te slaan; wanneer Hij dan het bloed aan de bovendorpel en aan de beide deurposten ziet, dan zal de Here die deur voorbijgaan en de verderver niet toelaten in uw huizen te komen om te slaan. 24  Gij zult dit voorschrift houden als een altoosdurende inzetting voor u en uw zonen.

Het Feest der Ongezuurde Broden

Op de 15e Abib, dat is de eerste maand, trok IsraŽl uit Egypte. Een nacht van waken was dit voor de Here, om hen uit het land Egypte te leiden.
Numeri 33:3  Zij braken op van Rameses in de eerste maand, op de vijftiende dag der eerste maand; daags na het Pascha trokken de IsraŽlieten uit door een opgeheven hand, voor de ogen van alle Egyptenaren.
De 15e is de eerste dag van de zeven dagen der ongezuurde broden.
De gehele achtdaagse periode wordt, volgens nieuwtestamentisch gebruik, soms ook 'Pascha' genoemd.
De 14e dag is het Pascha. Het is het eerste van Gods feesten.
Exodus 12:15  Zeven dagen zult gij ongezuurde broden eten; dadelijk op de eerste dag zult gij het zuurdeeg uit uw huizen verwijderen, want ieder die iets gezuurds eet, van de eerste tot de zevende dag, zo iemand zal uit IsraŽl worden uitgeroeid. 16  Zowel op de eerste als op de zevende dag zult gij een heilige samenkomst hebben; generlei arbeid zal daarop verricht worden; slechts wat door ieder gegeten wordt, alleen dat mag door u bereid worden.
De 15e Abib en de 21e zijn feestdagen en moeten voor eeuwig als een sabbat met een heilige samenkomst worden herdacht! Op Gods gezag wordt ons geboden deze twee dagen aanwezig te zijn. Het feest is een zevendaagse periode die op de 15e begint, nadat het Pascha voorbij is. Dit feest herinnert ons aan de bevrijding uit Egypte.
Vers 17  Onderhoudt dan het feest der ongezuurde broden, want op deze zelfde dag leid Ik uw legerscharen uit het land Egypte. Daarom moet gij deze dag onderhouden in uw geslachten als een altoosdurende inzetting.
Voordat de ceremoniŽle wet van Mozes er was! Deze dag, de 15e van de eerste maand, is een herdenkingsdag, geen heenwijzing naar het kruis, maar een herdenkingsdag van de bevrijding uit Egypte, wat voor ons de bevrijding uit de zonde symboliseert!
Deze dag moet ons er voortdurend aan herinneren dat wij, nadat onze zonden door het bloed van Christus zijn vergeven (gesymboliseerd door de 14e Abib), hier niet moeten stilhouden en in de zonde blijven, maar dat wij uit de zonde moeten komen! Waarom zouden wij de 14e onderhouden, die de vergeving van begane zonden uitbeeldt en dan weigeren verder te gaan met het feest der ongezuurde broden dat het verlaten van de zonde uitbeeldt? De zeven dagen van ongezuurde broden beelden het volledig wegdoen van de zonde uit, of, met andere woorden, het houden van de Geboden!

Niet afgeschaft met het Oude Verbond

De dagen der ongezuurde broden vormen een periode met twee grote sabbatten. Deze periode werd voor eeuwig ingesteld, toen de IsraŽlieten nog in Egypte waren en voordat er ook maar ťťn woord van de ceremoniŽle wet van Mozes was gegeven of geschreven – voordat God zelfs het Oude Verbond had voorgesteld!
Wat de wet van Mozes en het Oude Verbond niet brachten of instelden, kan er evenmin mee worden afgeschaft!
Dit alleen al bewijst dat de heilige dagen, inclusief de zeven dagen der ongezuurde broden, vandaag en voor altijd bindend zijn!

Doel van het feest

Laten wij nu evenwel de volledige betekenis in ogenschouw nemen. Waarom heeft God deze feestdagen ingesteld? Wat was zijn grote doel ermee? Sla Exodus 13:3 op: Exodus 13:3  Toen zeide Mozes tot het volk: Gedenkt deze dag, waarop gij uit Egypte, uit het diensthuis, gegaan zijt; want met een sterke hand heeft de Here u daaruit geleid. Daarom mag niets gezuurds gegeten worden.
Dat was de 15e Abib. Vers 6: Zeven dagen zult gij ongezuurde broden eten en op de zevende dag zal er een feest voor de Here zijn. Vers 8  En op die dag zult gij uw zoon uitleggen: Dit is ter wille van wat de Here mij heeft gedaan bij mijn uittocht uit Egypte. Een HERDENKING. 9  Het zal u zijn als een teken – d.w.z. het heeft tevens een betekenis aangaande de toekomst – op uw hand en als een herinnering tussen uw ogen – het heeft dus te maken met zowel het doen als het denken – waarom? – opdat de wet des Heren in uw mond zij; want met een sterke hand heeft de Here u uit Egypte geleid. 10  Gij zult deze inzetting onderhouden op haar vaste tijd, van jaar tot jaar.
Ziet u de prachtige betekenis? Begrijpt u de ware zin van dit alles? Ziet u Gods doel? Het Pascha is alleen een afbeelding van de dood van Christus voor de vergeving van de zonden die tevoren waren begaan.
Romeinen 3:25  Hem heeft God voorgesteld als zoenmiddel door het geloof, in zijn bloed, om zijn rechtvaardigheid te tonen, daar Hij de zonden, die tevoren onder de verdraagzaamheid Gods gepleegd waren, had laten geworden.
Het aanvaarden van Zijn bloed vergeeft niet de zonden die wij later zouden kunnen begaan; het is geen machtiging om in zonde verder te leven. Daarom worden ons, als wij dit bloed aanvaarden, slechts die zonden vergeven die wij tot op dat tijdstip hebben begaan.
Zullen wij echter, nadat alleen onze vroegere zonden zijn vergeven, daar blijven staan? Wij zijn nog steeds fysieke mensen. Steeds zullen wij aan verzoekingen blootstaan. De zonde had ons in zijn greep; wij waren slaven van de zonde en geheel in de macht ervan. Van onszelf zijn wij machteloos ons daarvan te bevrijden. Laten wij dus het beeld, de betekenis, begrijpen.

Zonde volledig opgeven

In hoeverre moeten wij de zonde wegdoen? Gedeeltelijk? Nee, volledig! Zuurdesem is een zinnebeeld van zonde.
1 Corinthe 5:8  Laten wij derhalve feest vieren, niet met oud zuurdeeg, noch met zuurdeeg van slechtheid en boosheid, maar met het ongezuurde brood van reinheid en waarheid.
Zuurdesem blaast op en zonde doet dat eveneens. Aangezien God het getal zeven gebruikt om volledigheid te symboliseren, moeten wij na het Pascha zeven dagen van ongezuurd brood in acht nemen!
Het beeld, de betekenis, het symbool is met het Pascha alleen niet volledig. Het Pascha verbeeldt het aanvaarden van Christus' bloed voor de vergeving van vroegere zonden. Het verbeeldt de gekruisigde, de dode Christus.
Moeten wij Christus symbolisch aan het kruis laten hangen? De zeven dagen der ongezuurde broden die op het Pascha volgen, verbeelden voor ons het volledig wegdoen van de zonde, het houden van de Geboden, nadat onze vroegere zonden zijn vergeven.
Zij verbeelden het leven en het werk van de opgestane Christus, die opvoer naar Gods troon, waar Hij nu ten gunste van ons actief werkzaam is als onze Hogepriester, die ons van de zonde reinigt en die ons volledig uit haar macht bevrijdt!
Alleen het Pascha houden, maar vervolgens niet de zeven dagen der ongezuurde broden in acht nemen, betekent, in deze symboliek, het aanvaarden van het bloed van Christus, maar vervolgens in zonde blijven leven. Het betekent te zeggen, ten onrechte, dat de wet heeft afgedaan, dat wij onder de genade zijn, wat betekent dat wij gemachtigd zouden zijn te blijven zondigen!
De zeven dagen van het feest der ongezuurde broden verbeelden het houden van de Geboden, wat betekent dat de zonde moet worden afgelegd.
De leden van Gods ware Gemeente moeten deze feestdagen, waarvan de eerste een herdenking is die de bevrijding uit de zonde verbeeldt, in hun rechterhand en aan hun voorhoofd dragen, als teken van God, opdat zij Zijn geboden onderhouden. En daar het voorhoofd de zetel van het verstand is en aanvaarding symboliseert en de rechterhand het doen symboliseert, dragen wij dit teken aan het voorhoofd als wij deze waarheid over de heilige dagen en de dagen der ongezuurde broden aanvaarden en in de rechterhand als wij op deze heilige dagen niet werken! Niet alleen de wekelijkse sabbat is Gods teken (Exodus 31:12-17), ook de jaarlijkse sabbatten zijn tekens!
Zie eens hoe prachtig deze instelling het plan van verlossing uitbeeldt. Eens vertelde een vrouw op de tweede van deze sabbatten, de 21e Abib, dat zij gedurende de dagen der ongezuurde broden een halve snee gegist brood achter enkele dingen in haar huis had gevonden. Zij had het natuurlijk onmiddellijk uit haar huis verwijderd.
Een ander zei dat zij plotseling een half pakje bakpoeder had gevonden, waarvan zij niet wist dat zij het had. Weer een ander vond een snee brood en wat gist. Allen hadden deze dingen, zodra zij ze hadden ontdekt, weggedaan.
Hoe getrouw naar het leven is het beeld! Hoe dikwijls ontdekken wij, nadat wij denken de zonde te hebben afgelegd, niet verborgen zonden of gewoonten waarvan wij niet wisten dat wij ze hadden of waarvan wij dachten dat wij ze hadden overwonnen? Ze moeten zo spoedig mogelijk worden weggedaan en overwonnen.

Het volmaakte beeld

Maar laten wij dit treffende beeld nader bezien. De IsraŽlieten trokken in de nacht van de 15e Abib uit Egypte; evenzo moeten wij bereidwillig, uit eigen beweging, de zonde achter ons laten zodra wij het bloed van Christus aanvaarden. De IsraŽlieten begaven zich door eigen kracht op weg – en ook wij moeten zelf de eerste schreden zetten.
Zij waren echter nog niet ver of Farao zette de achtervolging in.
Exodus 14:5  Toen aan de koning van Egypte bericht werd, dat het volk gevlucht was, veranderde de gezindheid van Farao en van zijn dienaren ten aanzien van het volk, en zij zeiden: Wat hebben wij gedaan, dat wij IsraŽl uit onze dienst hebben ontslagen? 6   Daarop spande hij zijn wagen aan en nam zijn volk met zich. 7  Hij nam zeshonderd uitgelezen wagens, ja, al de wagens van Egypte, alle volledig bemand.
Als Egypte een zinnebeeld van de zonde is, dan stelt Farao ongetwijfeld Satan voor en het leger van Egypte Satans demonen.
Zolang IsraŽl in Egypte was, waren zij Farao's slaven, hulpeloos aan zijn opzichters overgeleverd – evenals de zondaar zich in de macht van de duivel bevindt. Toen IsraŽl echter het bloed van het lam aannam, kwam God in actie en bijgevolg liet Farao IsraŽl vrij. Wanneer wij Christus' bloed aanvaarden, handelt God en de duivel moet ons vrijlaten.
En evenals de IsraŽlieten uittrokken met een opgeheven hand, wat we in Numeri 33:3 hebben gelezen, in grote uitbundigheid en geestdrift wegens hun bevrijding uit de slavernij, zo begint ook de pasverwekte christen zijn christelijke leven: in de wolken van blijdschap en vreugde. Maar wat gebeurt er?
De duivel en de zonde zetten onmiddellijk de achtervolging in van de pasverwekte zoon van God en de onervaren christen bevindt zich spoedig in de diepste moedeloosheid en hij is geneigd het op te geven.
Exodus 14:10  Toen Farao naderbij gekomen was, sloegen de IsraŽlieten hun ogen op, en zie, de Egyptenaren rukten achter hen aan. Toen werden de IsraŽlieten zeer bevreesd en schreeuwden tot de Here.
Zodra de IsraŽlieten zagen dat een groot leger hen achtervolgde, gaven zij de moed op. Vrees beving hen. Zij begonnen te mopperen en te klagen. Zij zagen in dat het voor hen onmogelijk was aan Farao en zijn leger te ontkomen, omdat hij voor hen te machtig was. Zij waren hulpeloos. Zo is het ook met ons.

Eigen kracht ontoereikend!

Maar lees nu eens wat God de IsraŽlieten door Mozes liet weten: Vers 13  Maar Mozes zeide tot het volk: Vreest niet, houdt stand, dan zult gij de verlossing des Heren zien, die Hij u heden bereiden zal; want de Egyptenaren, die gij heden gezien hebt, zult gij nimmermeer zien. 14  De Here zal voor u strijden, en gij zult stil zijn. Hoe wonderbaarlijk!
Machteloos als wij zijn, wordt ons gezegd standvastig te zijn en te zien hoe God ons zal bevrijden. Hij zal voor ons strijden. Wij kunnen Satan en de zonde niet overwinnen, maar God wel. Het is de opgestane Christus, onze Hogepriester, die ons zal reinigen, die ons zal heiligen en verlossen. Hij heeft gezegd dat Hij ons nooit zal verlaten!
Wij kunnen de geboden niet uit eigen kracht houden, maar Christus in ons kan dat wel! Wij moeten in geloof op Hem vertrouwen. Let maar eens op hoe God dat doet.
Vers 19   Toen verliet de Engel Gods, die voor het leger van IsraŽl uitging, zijn plaats en ging achter hen aan; ook verliet de wolkkolom haar plaats aan hun spits en ging achter hen staan. 20  Zo kwam zij tussen het leger van de Egyptenaren en dat van de IsraŽlieten in; en de wolk was duisternis, maar tegelijk verlichtte zij de nacht; zodat de een de ander niet kon naderen, de gehele nacht. 21  Toen strekte Mozes zijn hand uit over de zee en de Here deed de zee de gehele nacht door een sterke oostenwind wegvloeien, maakte haar droog, en de wateren werden gespleten. 22  Zo gingen de IsraŽlieten in het midden der zee op het droge; terwijl rechts en links de wateren voor hen waren als een muur. 23  En de Egyptenaren vervolgden hen en kwamen achter hen aan, alle paarden van Farao, zijn wagens en zijn ruiters, midden in de zee. 24  Toen dan, in de morgenwake, schouwde de Here in vuurkolom en wolk naar het leger der Egyptenaren en bracht het leger der Egyptenaren in verwarring. 25  Hij deed de wielen van hun wagens wegglijden en met moeite voortrijden, zodat de Egyptenaren zeiden: Laten wij vluchten voor de IsraŽlieten, want de Here strijdt voor hen tegen Egypte. 26  Toen zeide de Here tot Mozes: Strek uw hand uit over de zee, opdat de wateren terugvloeien over de Egyptenaren, over hun wagens en ruiters. 27  En Mozes strekte zijn hand uit over de zee en tegen het aanbreken van de morgen vloeide de zee terug in haar bedding, terwijl de Egyptenaren haar tegemoet vluchtten; zo dreef de Here de Egyptenaren midden in de zee. 28   De wateren vloeiden terug en bedekten de wagens en de ruiters van de gehele legermacht van Farao, die hen in de zee achterna getrokken waren; er bleef van hen niet een over. 29  Maar de IsraŽlieten gingen op het droge midden door de zee en de wateren waren hun rechts en links als een muur. 30  Zo verloste de Here op die dag de IsraŽlieten uit de macht der Egyptenaren. En IsraŽl zag de Egyptenaren dood op de oever der zee liggen. 31  Toen zag IsraŽl, welk een machtige daad de Here tegen Egypte gedaan had; en het volk vreesde de Here en zij geloofden in de Here en in Mozes, zijn knecht.
De engel die steeds was voorgegaan, om de IsraŽlieten de weg te wijzen, begaf zich nu achter hen en plaatste zich tussen hen en hun vijand om hen te beschermen. Vervolgens scheidde God het water van de Rode Zee. In Jesaja 55:1 en Johannes 7:37-39 is water een symbool van de heilige Geest.
De 'levende wateren' van God zijn voor ons een muur aan onze rechter- en linkerzijde, waardoor wij op het juiste pad worden geleid, waardoor het pad wordt gemaakt en waardoor wij worden beschermd. Toen echter Farao en zijn leger probeerden IsraŽl op deze door God gecreŽerde weg te volgen, werden zij door dezelfde wateren volledig overdekt, evenals de heilige Geest onze zonden wegneemt en overdekt en de IsraŽlieten zagen hen niet meer! Wat een prachtig beeld!

Oorspronkelijk geen offeranden

Zo zien wij dat zowel het feest der ongezuurde broden als het Pascha voor eeuwig zijn ingesteld, vůůr het Oude Verbond. Laten wij hierin consequent blijven. Degenen die beweren dat deze feestdagen deel uitmaken van de wet van Mozes, antwoorden wij dat ze reeds vůůr de wet van Mozes bestonden, dat ze in het Nieuwe Testament zijn overgedragen en dat ze daarom vandaag bindend zijn.
Bedenk wel dat er oorspronkelijk op deze dagen geen slachtoffers werden gebracht en evenmin spijs- en drankoffers. Jeremia 7:22  want Ik heb tot uw vaderen, toen Ik hen uit het land Egypte leidde, niet gesproken noch hun een gebod gegeven ter zake van brandoffer en slachtoffer, 23  maar dit gebod heb Ik hun gegeven: Hoort naar mijn stem, dan zal Ik u tot een God en zult gij Mij tot een volk zijn, en wandelt op de ganse weg die Ik u gebied, opdat het u welga.
Deze dagen werden niet ingesteld met de bedoeling offeranden te brengen, zoals sommige mensen ten onrechte veronderstellen. Deze heilige dagen zijn gedenkdagen. Ook de sabbat bestond reeds vůůr de wet van Mozes. Hij was door God geheiligd voordat de MozaÔsche wet werd gegeven.
Toen de wet van Mozes kwam, met haar slacht-, spijs- en drankoffers, werden deze offeranden ingesteld en ze moesten tijdelijk – tot Christus – worden gehouden, sommige dagelijks, andere op de wekelijkse sabbat, weer andere op de eerste van elke maand en nog weer andere op elk van de jaarlijkse heilige dagen.
Houd evenwel goed dit feit voor ogen: waar deze offeranden worden ingesteld voor de heilige dagen, worden ze tevens ingesteld voor de wekelijkse sabbat. Dezelfde hoofdstukken in de wet van Mozes die ze aan de jaarlijkse dagen toevoegen, voegen ze tevens toe aan de wekelijkse dagen.
Het argument, dat met het afschaffen van de offeranden ook de dagen afgeschaft zijn waarop deze offeranden werden gebracht, is eveneens van toepassing op de wekelijkse sabbat! Als het een wordt afgeschaft, wordt ook het ander afgeschaft. Zondagspredikers beweren inderdaad dat met deze offeranden de sabbat werd afgeschaft. Wij ontkennen dit. Waarom? De sabbat bestond reeds voordat deze offeranden werden toegevoegd. Hetzelfde geldt voor de jaarlijkse heilige dagen! Ook deze bestonden reeds vůůr de rituele wet van Mozes!

Offeranden op de wekelijkse sabbat

In Numeri 28 worden eerst de dagelijkse vuuroffers beschreven, de morgen- en avondofferanden. Ten tweede, in vers 9-10, de brandoffers en het drankoffer op elke sabbat. Ten derde, vers 11-15, de offers op de nieuwe manen. Tenslotte, vers 16 tot het eind van hoofdstuk 29, de offers op de jaarlijkse heilige dagen.
Nu weten wij dat deze spijs- en drankoffers als dagelijks brandoffers symbolisch waren en werden afgeschaft. Maar zijn daarmee de zeven weekdagen afgeschaft? Werd de wekelijkse sabbat ermee afgeschaft? Werd de eerste dag van iedere maand afgeschaft? Niet in de ogen van God. Dan zijn evenmin de jaarlijkse heilige dagen van God afgeschaft!
De offeranden waren symbolisch en zij kwamen en gingen met de wet van Mozes. Maar de dagen waarop ze werden gebracht waren niet symbolisch, kwamen niet met de wet van Mozes en verdwenen er evenmin mee.
De dagen zijn voor altijd bindend! Evenals de sabbat een gedenkdag is, zijn de jaarlijkse heilige dagen dat!

In het Nieuwe Testament geboden

En nu zullen wij in het Nieuwe Testament een gebod tonen dat de jaarlijkse heilige dagen moeten worden gehouden. Sla nogmaals Numeri 28:16-17 op: Numeri 28:16  En in de eerste maand, op de veertiende dag der maand, zal het Pascha voor de Here zijn. 17  Op de vijftiende dag dier maand zal er een feest zijn; zeven dagen lang zullen ongezuurde broden worden gegeten.
Dit feest was dus niet op de 14e, maar op de 15e. Het Pascha, waarop het lam geslacht werd, was op de 14e. De dag voor de wekelijkse sabbat werd een voorbereidingsdag genoemd, evenals de dag voor een jaarlijkse heilige dag (Mattheus 27:62; Markus 15:42; Lukas 23:54; Johannes 19:14). Laten wij dit punt goed in onze gedachten prenten, want indien dit waar is, zoals het is, dan zijn al deze dagen voor ons nog altijd bindend, op gezag van zowel het Nieuwe Testament als het Oude Testament.
De overpriesters en schriftgeleerden die samenzwoeren om Jezus te doden, zeiden: Mattheus 26:5   Maar zij zeiden: Niet op het feest, opdat er geen opschudding ontsta onder het volk.
Zij haastten zich, zodat zij Hem de dag voor het feest, op de 14e Abib (Nisan), konden grijpen en doden.
In Markus 14:2 staat hetzelfde. De feestdag die na het Pascha kwam, was een grote jaarlijkse sabbatdag, de eerste dag der ongezuurde broden. 
Laten wij nu nauwkeurig 1 Corinthe 5:7-8 bestuderen. De kerken hebben deze tekst op het Pascha toegepast. Merk op dat dat er helemaal niet staat. Laten wij deze tekst zonder enige vooringenomenheid bestuderen en zien wat er wel staat.
1 Corinthe 5:7  Doet het oude zuurdeeg weg, opdat gij een vers deeg moogt zijn; gij zijt immers ongezuurd. Want ook ons paaslam [Grieks: Pascha] is geslacht: Christus. 8   Laten wij derhalve feest vieren, niet met oud zuurdeeg, noch met zuurdeeg van slechtheid en boosheid, maar met het ongezuurde brood van reinheid en waarheid.
Omdat Christus, ons Pascha, is geslacht, moeten wij, die in de tijd van het Nieuwe Testament leven – Christus is immers gestorven – het feest houden. Welk feest? Niet het Pascha; dat werd op de 14e Abib (Nisan) gevierd. Maar laten wij feest vieren op de 15e! De grote sabbat van Johannes 19:31! Johannes 19:31  De Joden dan, daar het Voorbereiding was en de lichamen niet op sabbat aan het kruis mochten blijven (want de dag van die sabbat was groot) vroegen Pilatus, dat hun benen gebroken en zij weggenomen zouden worden.
De jaarlijkse heilige dag. In wijdere zin hield het feest alle zeven dagen der ongezuurde broden in, inclusief de tweede heilige dag, of sabbat, op de 21e Abib (Nisan). Wij kunnen hier niet omheen, als wij ons aan God en Zijn Woord willen onderwerpen! In duidelijke taal staat in het Nieuwe Testament: laten wij, omdat Christus werd gekruisigd, het feest houden! Op de 14e is het Pascha, maar op de 15e dag van dezelfde maand is het feest!

Dagen der Ongezuurde Broden door Paulus
en de nieuwtestamentische Gemeente gehouden

In het Nieuwe Testament is getrouw vastgelegd dat de Gemeente, gedurende de periode dat haar geschiedenis is beschreven, deze dagen hield!
Handelingen 20:6  Maar wij voeren na de dagen der ongezuurde broden van Filippi af … Paulus en zijn metgezellen hadden kennelijk te Filippi de dagen der ongezuurde broden gehouden. Anders had de heilige Geest dergelijke woorden nooit geÔnspireerd.
Handelingen 12:3  en toen hij zag, dat dit de Joden welgevallig was, ging hij voort en nam ook Petrus in hechtenis. Nu waren het de dagen der ongezuurde broden. 4  En hij liet hem grijpen en zette hem gevangen, onder bewaking van vier viertallen soldaten, met het voornemen hem na het Paasfeest [Grieks: Pascha] voor het volk te brengen.
Waarom zou dit opgetekend worden als deze dagen in Gods ogen hadden opgehouden te bestaan?
Bedenk dat hier niet iemand aan het woord is die onbekend is met wat er werd 'afgeschaft'. Het is de Almachtige God die dit, door de inspiratie van de heilige Geest, zegt, jaren na de kruisiging. De dagen der ongezuurde broden bestonden nog steeds, anders had de heilige Geest niet de woorden "nu waren het de dagen der ongezuurde broden" geÔnspireerd.

<><><>

 

Terug naar de Home Page

free hit counter